Energie-Blog

André Jurres

13 dec 2019
33

Ondertussen kruipt Vlaanderen plat op de buik onder de lat

 

Het contrast kan bijna niet groter zijn waar de nieuwe Europese Commissie de lat om de klimaatdoelstellingen niet alleen te halen maar zelfs te versnellen, gaat Vlaanderen in een kramp.  Van een vitaal voorstel waar economische groei voor decennia wordt gebetonneerd om Europa leidend in de wereld te maken gaat Vlaanderen gewoon voor stagnatie of behoud.

Nochtans probeert men te behouden wat niet mogelijk is, deze nieuwe industriële revolutie is niet alleen nodig om het klimaat te redden en generaties na ons ook kwaliteit van leven te geven maar zorgt ook voor de nodige brandstof om ons economisch model te herschrijven.

Iedere omslag gaat gepaard met conservatieve reflexen en op zich is het ook goed om stil te staan bij de vraag wat vandaag goed is en wat we dienen te behouden.  Het mag echter nooit een excuus worden om vooruitgang tegen te houden. 

Dat Vlaanderen en bij uitbreiding de ganse Benelux veel te winnen heeft bij het aanhaken van zijn economisch karretje aan de Europese ambitie om zo bij de toplanden en regio’s te komen en te blijven moge voor iedereen duidelijk zijn.  Onze kleine open economie is gebaat om samen te werken met Duitsland en de Scandinavische landen.  Dat Vlaanderen in eerste instantie zijn doelstellingen veel nauwer dient aan te sluiten bij Nederland gezien onze zeer sterke verwevenheid met bijvoorbeeld onze havens Antwerpen en Rotterdam is de logica zelve om ervoor te zorgen dat we onze krachten en middelen bundelen om zo de grootste impact te hebben.

Dat Nederland volmondig nieuwe infrastructuur en technologie omarmt zoals de grootschalige productie van waterstof past perfect in de uitgeroepen ambitie die Vlaanderen ook onlangs heeft gecommuniceerd.  Zijn wij in staat om voorbij onze eigen schaduw te kijken en samen met Nederland tot één visie te komen gevolgd door een investeringsplan om deze en andere duurzame technologieën grootschalig uit te rollen?!

Dat Nederland vandaag veel verder staat in de uitrol van laadpalen hoeft geen belemmering te zijn want het er is nog tijd genoeg om tot een gemeenschappelijk doel te komen qua dekking en gebruikte technologie. 

De Europese Commissie wil 1 miljoen laadpalen in Europa en dit binnen de kortst mogelijke termijn maar in praktijk in ieder geval voor 2030.    Met dergelijke wind in de rug kan Vlaanderen zijn achterstand snel inhalen op voorwaarde dat er een visie is hoe dit toekomstig netwerk er komt uit te zien met een duidelijk stappenplan en jaarlijkse meetbare resultaten. Zulke grote uitdagingen vergen een overheid die op zijn minst het kader schept of zelfs tijdelijk de leiding neemt zodat er geen ruimte is voor twijfel en de privésector zich voldoende geruggesteund voelt.

Natuurlijk kunnen we stilstaan bij de maatregelen die al bekend zijn in het Vlaamse energie en klimaatplan dat deze week door de Vlaamse regering werd bekend gemaakt maar kijkende vanuit een Europese bril ontbreken er essentiële elementen.  Dat rekeningrijden vakkundig werd begraven bij het einde van de vorige Vlaamse regering mag geen excuus zijn om toe te geven dat dit fout was.  Europa maakt duidelijk dat rekeningrijden één van de vele maatregelen zijn nodig rond onze voornaamste steden.  Dat er melding wordt gemaakt om de gemiddelde snelheid rond Brussel te verlagen van 120km naar 100km per uur is op zich een goede maatregel alleen is de realiteit dat we zowat de hele dag stilstaan.

De uitstoot van deze dagelijkse armada van zich traag voortslepende stalen paarden is een ecologische nachtmerrie die ervoor zorgt dat de uitstoot juist veel hoger is bij een snelheid van minder dan 50 km per uur.  Het constante remmen en weer vertrekken betekent veel meer uitstoot dan wanneer je 120 km per uur rijdt. 

De realiteit haalt Vlaanderen in op de dag dat ze haar plan bekend maakt en men zich snelt naar de klimaattop in Madrid.  Dat Vlaanderen als regio daar niet mag ontbreken als zij haar ambitie wil uitstralen is correct alleen ontbreekt vandaag het plan om dit waar te maken.

Positief is dat er een begin is gemaakt van een plan maar de kans dat we zelfs deze doelstellingen gaan halen met de vermelde maatregelen is eerder klein te noemen.  Verder bestaat het gevaar nu dat men in een afwachtende modus gaat en rekent op anderen om dit plan nu maar te realiseren.  Voor ieder jaar tot 2030 dient er een duidelijk meetbaar getal te zijn voor iedere maatregel om zo te kunnen toetsen of we het doel gaan halen of we zelfs nog een tandje kunnen bijsteken. 

Ook dient de stok groot genoeg te zijn zodat het er geen alternatief is wegens te duur.  Tien jaar is een zeer korte tijd om grootschalige veranderingen te weeg te brengen en deze zullen toch nodig zijn dwars van het huidige plan dat hierin tekort schiet in verhouding met de doelstellingen vanuit Europa.  Deze nieuwe regering dient afgerekend te worden op het behalen van de Europese doelstellingen zodat we voor eens en altijd bewijzen dat wat we zelf doen we beter doen.