Energie-Blog

André Jurres

1 dec 2019
27

De kogel is bijna door de kerk, Eneco is verkocht aan de hoogstbiedende en verrassende “winnaar” Mitsubishi en een Japans energiebedrijf genaamd Chubu.

Met enig schaamrood moet ik u bekennen dat Chubu mij even niks zegt maar ongetwijfeld een groot energiebedrijf in het mooie Japan. De operationele synergiën zie ik nog even niet maar de cheque zal de pijn ongetwijfeld verzachten.  Dat er forse goodwill betaald is moge duidelijk zijn daar het geboden bedrag fors hoger is dan verwacht.

Vorige week zaten we nog op drie miljard Euro, maar dat zal het feest niet vergallen of toch niet direct.  Eerst zullen vele gemeenten en provincies zich in de handen wrijven want er komt veel geld aan.  De champagne kan ontkurkt worden en de lintjes worden ongetwijfeld opgepoetst.

Enig déjà vu zal u wellicht ook niet ontgaan zijn want een tien jaar geleden gingen Essent en Nuon ook over de toonbank en was er ook groot feest.  Dat er sindsdien weinig reden is geweest tot feesten mag ook duidelijk zijn aangezien de toenmalige kopers vele miljarden hebben mogen afschrijven op hun investeringen.

Erger is nog dat je als land ook vrijwillig afscheid neemt van je beslissingscentra over een levensnoodzakelijk product als energie.  Dat de netwerkbedrijven nog in overheidshanden zijn mag dan al een goede zaak zijn, edoch spelen zij in de transitie naar een duurzame energiehuishouding hoogstens een belangrijke bijrol.

Nu iedereen begint te beseffen dat elektriciteit, lees groene stroom, de vervanger schijnt te worden van zowat al onze fossiele brandstoffen is het hard wakker worden.  Dat we momenteel zon en wind ondersteunen om ervoor te zorgen dat we veel groene stroom krijgen is nuttig, maar ook hier gaan de baten vooral naar het buitenland.

Onze bedrijven en burgers krijgen iedere maand de stijgende energierekening gepresenteerd en de transitie zal de factuur nog fors laten stijgen.  Dat de baten niet in Nederland blijven is een direct gevolg van de uitverkoop van alle Nederlandse energiebedrijven.  Ook is er veel kennis verloren gegaan want binnen het jaar na een overname zie je meestal een leegloop van de organisatie en dan vooral van de mensen die de koers bepaalden.

Die kans is bij Eneco wellicht kleiner daar de kopers uit Japan komen en ook niet direct concurrenten waren van Eneco in de huidige markt.  In praktijk is het echter wel normaal dat de nieuwe aandeelhouders zullen bepalen of en waarin er geïnvesteerd zal worden.   De cultuurschok zal aanzienlijk zijn en alleen de taal is al een behoorlijke barrière.

Zoals altijd is het eerst afwachten of de huidige aandeelhouders van Eneco akkoord zullen gaan met het bod maar gezien de hoogte mogen we daar wel vanuit gaan.  Verder zal de praktijk uitwijzen of Eneco voldoende autonomie zal kunnen krijgen in zijn handelen.

Opvallend was ook de communicatie in de media over de verkoop waar er zinnen stonden zoals de voltooiing van de liberalisering.  Hier breekt mijn klomp, als ervaringsdeskundige van twee liberaliseringsgolven in de telecom en energiesector kan ik toch stellen dat de uitverkoop van nationale historische bedrijven aan het buitenland niet de insteek is van liberalisering. 

Liberalisering dient om een sector dynamiek te geven en zijn efficiëntie en innovatie vermogen te verbeteren zodat de klant de best mogelijke dienst of product krijgt tegen de best mogelijke kost.  De verkoop van al deze nationale energiebedrijven bereikt vaak het tegenovergestelde of denkt u dat de aankoop van vele miljarden Euro’s niet moet worden terugverdiend?

Wellicht waren er bij aanvang van de liberalisering in Nederland met zijn 28 regionale energiebedrijven wel wat te veel maar dat zorgde juist voor concurrentie vanaf dag 1.  Als dan het resultaat is dat er na 17 jaar liberaliseren geen één van de oorspronkelijke 28 bedrijven overblijft dan is dit zeker niet in het belang van de consument of onze bedrijven.

Het gebrek in vele landen aan krachtdadige regulatoren die van hun regering een grote autonomie zouden moeten krijgen zorgt al jaren voor een verschraling.  Met de mislukte liberalisering van de telecommarkt in gedachten waar zovele nieuwe spelers allang weer met de noorderzon zijn verdwenen lonkt ook voor de energiesector dit risico.

De miljarden die te veel betaald werden voor onze nationale energiekampioenen zijn miljarden die niet kunnen geïnvesteerd worden in de energiehuishouding van de toekomst.  Aan de andere kant dient de overheid ervoor te waken dat deze buitenlandse bedrijven vertrouwen houden in hun nieuwe verworven Nederlandse energiebedrijven zodat ze erin blijven investeren.  Een goede relatie is één van de randvoorwaarden om buitenlandse investeerders hun investeringen te koesteren en zelfs voorkeur te geven op investeringen in eigen land.

Voor nu wens ik alle werknemers bij Eneco, Sayanora en een Jizoku sokudo!En