Energie-Blog

André Jurres

16 apr 2018
408

Gezien de Belgische regering net voor Pasen een akkoord had bereikt over het energiepact lijken de belangrijkste voorwaarden aanwezig te zijn om nu echt werk te maken van een toekomstige energiehuishouding.  Maar niks is minder waar, want de duivel schuilt nu eenmaal in het detail en dat ontbreekt.

Natuurlijk is het positief dat men de wet op de kernuitstap van 2003 herbevestigd heeft en verdere richtingen heeft bepaald, maar het belangrijkste moet nog komen.  Namelijk welke randvoorwaarden zijn er nodig voor ieder detail in de uitvoering van deze strategie. 

De wens om vast te houden aan de sluiting van alle kerncentrales tegen 2025 is dapper en ook correct, alleen moet men zeker zijn dat we voldoende alternatieven hebben.  Gezien we 15 jaar lang weinig vooruitgang hebben geboekt om de sluiting van deze kerncentrales op te vangen is het nu alle hens aan dek en zijn de opties beperkt.

Iedereen roept in koor dat gascentrales ons de oplossing gaan brengen, maar dat is slechts een interim oplossing en ten dele waar.  Het ondersteuningsmechanisme dat nodig gaat zijn (en waar sommigen refereren naar het buitenland met hun capaciteitsmechanismen) kan een tijdelijke oplossing zijn maar niet ideaal.  Men grijpt wederom in op de vrije markt en iedere verdere verstoring daarin is slecht nieuws. 

Het is trouwens opvallend dat Europa dergelijke mechanismen toelaat, dat geldt overigens  voor iedere vorm van subsidie (dus ook groen).  Men werkt rond het echte probleem en dat is een  CO2 prijs die hoog genoeg is.  Sommigen, zoals de directeur van het havenbedrijf van Rotterdam, spreken van een minimum prijs tussen de 50 tot 70 Euro per ton (dit is zelfs al aan de lage kant) maar natuurlijk en terecht vele malen hoger dan de huidige prijs.

Dit mechanisme is een veel betere oplossing dan maar weer te werken met ondersteuning omdat de markt niet goed functioneert.  Het bijpassen van enkele Euro’s per MWh voor de gascentrales zal trouwens niet voldoende zijn om nieuwe investeringen mogelijk te maken. Daarvoor zijn de huidige stroomprijzen zijn daarvoor te laag.  Wellicht is dit voldoende voor bestaande gascentrales die al meer dan twintig jaar oud zijn, maar investeren in nieuwe turbines vergt meer oplossingen.

Men zal ook dienen te overwegen investeringssteun te geven naast het capaciteitsmechanisme om zo snelheid te krijgen in de beslissingen.  Een éénmalige investeringssteun die er dus op gericht is om de achterstand die wij hebben opgelopen in te halen en ons land terug interessant te maken voor buitenlandse investeerders.  Alle landen om ons heen zijn vandaag vanuit investering interessanter in hun deelgebieden gezien de overheden hier belangrijke middelen tegenover zet.  Niet dat ik het per definitie eens ben met deze middelen, maar men moet nu eenmaal met de feiten omgaan.

Dat Nederland dit jaar bijvoorbeeld 12 miljard Euro ondersteuning ter beschikking stelt voor duurzame productie zorgt er mede voor dat de aandacht voor België bij investeerders secundair is wat de uitbouw van duurzame energie betreft.  Hetzelfde geldt trouwens voor Frankrijk en Duitsland die nog steeds fors investeren in de uitbouw van zon en wind.  Dat juist Duitsland het moeilijk heeft om zijn doelstellingen te halen is wel een duidelijk signaal.

Voor Nederland gelden min of meer dezelfde vraagstukken als in België. Ondanks de positieve vooruitgang van het eerste energieakkoord is men zich goed bewust van de tekortkomingen ervan.  De afdwingbaarheid ervan was één van de zwakten (net zoals alle andere akkoorden zoals bijvoorbeeld het klimaatverdrag van Parijs) en de snelheid zal nog een stuk omhoog moeten.

Ook in Nederland dient men een echte CO2 prijs te introduceren startende met 50-70 Euro per ton als ondergrens.  De grote inspanning die Nederland nu doet voor zon en wind zijn lovenswaardig alleen voor een deel ziek in hetzelfde bedje als Duitsland. De meer dan 100 GW zon en wind in Duitsland brengen het land nog niet veel dichter bij zijn doelstellingen naar 2030 toe en dat ondanks een kost die jaarlijks al meer dan 35 miljard Euro bedraagt voor de komende twintig jaar.

Neem nu zon, waarom werken we daar niet meer Europees samen en plaatsen we de panelen daar waar zon is?  Met hetzelfde bedrag en inspanning hadden we nu een rendement dat bijna dubbel zo hoog was door onze investeringen in zon in Zuid-Europa te doen.  Landen als Griekenland, Zuid-Spanje en Zuid-Italië zijn nu eenmaal veel geschikter.  Het gebrek aan politieke daadkracht zorgt ervoor dat we niet kiezen voor de beste oplossingen.

Dat ook Nederland opnieuw naar het tekenbord moet voor zijn 2.0 energieakkoord is duidelijk, de vraag is alleen of de wil er is om de echte zwakheden dan ook aan te pakken en resoluut een trendbreuk kan veroorzaken om de uitstoot van broeikasgassen (en andere) sneller naar het nulpunt te krijgen?  Stoppen met het subsidiëren van kolencentrales die als grootschalige biomassa worden ingezet (draagt immers niks bij tot de reductie van lange termijn doelstellingen), investeren met technologie waar het zin heeft (bijvoorbeeld zon), nieuwe paden durven inslaan zoals de uitbouw van waterstofinfrastructuur, Europese oplossingen op tafel leggen, etc.

Dit jaar wordt bepalend voor de Lage landen en of zij erin gaan slagen om via een trendbreuk de doelstellingen van 2030 mogelijk te maken.  U merkt dat ik 2020 achterwege laat want hiervoor is het te laat om nog beleid voor te maken.  Het niet of wel behalen van de 2020 doelstellingen is niet meer relevant, gezien deze laag waren en dus met laag hangend fruit haalbaar (ook al zullen een aantal landen er zelfs niet in slagen). De 2030 doelstellingen nopen tot echte fundamentele wijzigingen in onze economie en samenleving.