Transportation and distribution of energy

Samen sterk

Dat Vlamingen graag hun dingen zelf regelen wordt vaak bevestigd in cliches en natuurlijk is er ook een grond van waarheid in deze stelling. Vooral in onze bouwgewoonten komt deze eigenschap extreem naar buiten gezien onze spreekwoordelijke baksteen in de maag. De eindeloze lintbebouwingen met individuele huizen wijzen ons jammer genoeg niet in de richting van de toekomst.

Dat een groot deel van de bevolking tegen 2040 in een stad woont lijkt jaar na jaar meer bewaarheid te worden ook al is het voorspellen van de toekomst zeker geen exacte wetenschap. Vanuit energetisch oogpunt en efficientie zijn er zeker grote voordelen om dicht bij elkaar te gaan wonen. Dat brengt wel direct een probleem met zich mee dat mensen die in steden wonen niet voor hun eigen energieproductie gaan zorgen. Op zich hoeft dat ook helemaal niet want de waarheid ligt zoals vaak in het midden.

Ook in energieproductie geldt dat schaalgrootte helpt om efficientie voordelen te bereiken dus iedereen eigen producent is wellicht de wens van betrokken partijen die dan materiaal kunnen leveren, maar voor een samenleving verre van de ideale oplossing.

Hetzelfde geldt op dit ogenblik voor die bedrijven die moord en brand roepen dat offshore wind de oplossing is, ook hier ligt de waarheid in het midden en zelfs meer naar de andere kant. Offshore wind is een schakel in een toekomstige energiehuishouding, maar niet meer dan dat. Er kunnen zeker landen en regio’s zijn die meer uit wind op zee zullen halen dan anderen, maar het verkopen als het Eureka moment is er ver over.

Net zoals het megalomane idee van enige jaren geleden om alle zonnepanelen in de Sahel te gaan zetten en zo elektriciteit over grote afstanden te gaan vervoeren. Theoretisch perfect mogelijk alleen praktisch perfect onwenselijk. Ook bij ons roepen velen in slogans, elektrisch autorijden is ineens de totaal oplossing terwijl men er niet bij zegt dat dit vandaag onmogelijk is en zelfs niet wenselijk. Onze spreekwoordelijke eieren in één mand leggen is ziek blijven in hetzelfde bedje. Onze fossiele verslaving vervangen door een lithium verslaving bijvoorbeeld is de weg naar nog meer miserie.

Dat neemt niet weg dat al deze technologieën een deeltje van de puzzel zijn. Ook vanuit de politiek roept men vrolijk mee want ineens is wind op zee gratis geworden, fantastisch toch, maar gelooft u dit nu echt? Natuurlijk zijn er schaalvoordelen en zoals iedereen hoop ik ook dat windmolens dezelfde weg op gaan als zonnepanelen qua prijs alleen is de euforie veel te voorbarig.

De consessies die in Duitsland nu gratis zijn weggegeven zonder subsidie hebben in de details van hun contract genoeg ontsnappingsmogelijkheden waardoor het verre van zeker is dat deze parken er ooit gaan komen. Als de elektriciteitsprijs tegen 2023 niet fors is gestegen (lees het dubbel minstens) dan zal men deze concessies gewoon niet uitvoeren en de boete van 60 miljoen euro betalen.

De paradox is zelfs dat dit huidige goede nieuws ervoor kan zorgen dat we grote vertraging gaan oplopen in wind op zee want iedereen denkt ineens het licht gezien te hebben. Wij in Vlaanderen/België zouden beter moeten weten, gratis bestaat niet, niet zoals bussen draaien windmolens niet op liefde.

Erger is nog dat beleidskeuzes kunnen wijzigen door deze euforie, bijvoorbeeld lopen we het risico dat men de moeilijke zoektocht naar goede locaties op land voor wind gaat laten voor wat het is en alles op zee gaat concentreren. De industrie die betrokken is bij het bouwen van windmolens op zee zal dit zeker stimuleren alleen weet ik niet of ze nu zo blij moeten zijn met dergelijke tendens want de risico’s nemen ook toe.

Ondertussen zorgt onze sector in ieder geval wel voor een gevoel van solidariteit, maar liefst een kwart miljoen gezinnen kopen samen energie aan. Dat dit vooral komt uit gemakzucht wordt er wel bijgezegd want zelf zoeken naar de beste leverancier vergt enige inspanning. Ook al hebben we al jaar en dag de uitstekende online tool van de VREG genaamd de V-test. Het blijft positief dat de gezinnen wakker zijn, alleen dat constante hameren op de prijs heeft zo zijn gevolgen voor de waardering voor het product. De wil om er meer voor te betalen is niet groot en de klaagmuur is nooit ver weg.

De fusie tussen Eandis en Infrax wordt dan ook vooral verkocht met het argument dat onze factuur erdoor gaat zakken en dat is weer meer van de zelfde perceptie, prijs, prijs, prijs. Overigens nodig ik u uit om na de fusie even met mij uit te rekenen hoe groot de besparing zal zijn. Deze zal volledig teniet gedaan worden door de verwachte investeringen die nodig zijn om ons net slim te maken en vooral klaar voor de toekomst waar sommige zeggen dat we al onze wagens even aan de stekker gaan hangen. De “Internet of Things” zal hard nodig zijn om nog maar een deel van deze droom werkelijkheid te kunnen maken.

Vlaamse netwerkbedrijven Eandis en Infrax gaan fusioneren

Het nieuws over onze sector werd op het laatste van vorige week beheerst door de aankondiging dat de Vlaamse netwerkbedrijven Eandis en Infrax goedkeuring hebben gekregen om één bedrijf te worden.

Na het afspringen van de verkoop van een klein deel van Eandis aan een Chinees staatsbedrijf nog niet lang geleden kon deze fusie dan ook in een stroomversnelling komen. Met minister Tommelein als aanjager voelen de netwerkbedrijven de hete adam in hun nek ook al stonden ze zelf ook al positief tegenover het samensmelten.

Dat de fusie nog niet voor morgen is gezien de complexiteit van beide structuren wordt ook wel bevestigd, maar vanuit efficientie oogpunt blijft dit een goede maatregel. Natuurlijk werden er direct vragen gesteld vanuit de media of dit onze elektriciteitsfactuur gaat laten dalen en is enige nuance wel op zijn plaats.

We zullen eigenlijk pas over enkele jaren kunnen uitrekenen gebaseerd op een vergelijking van de werkingskosten van vandaag of de fusie ook een reductie zal gaan inhouden, maar het zal op zijn minst de een dempend effect hebben op de toekomstige prijsstijgingen. Dat men zoals steeds focust op de kost en mogelijke prijsdalingen is begrijpelijk alleen gaat zo te veel aandacht naar het korte termijn effect.

Tevens is er sprake van een beursgang alleen jammer genoeg niet van het netwerkbedrijf, maar van een holding er boven die dan duurzame investeringen kan gaan doen. Hierover is het nog te vroeg om een oordeel te vellen, maar in principe ben ik wel voor een netwerkbeheerder die zich uitsluitend op zijn kerntaken focust en niet op de andere delen van de energiewaardeketen.

Het ontwikkelen van windmolenparken in binnen- en buitenland hoort daar zeker al niet bij en de uitdagingen bij het netwerkbedrijf zijn gigantisch genoeg als men naar de toekomst kijkt. Het slimme netwerk van de toekomst heeft behoefte aan heel andere zaken dan vandaag, sturing van alle aangesloten toestellen via IOT (Internet of Things) applicaties is onontbeerlijk en hiervoor zal de regelgeving ook moeten aangepast worden. Decentrale opslag diep in het netwerk, nieuwe distributienetwerktarieven, microgrids, warmtenetten, etc..

De lijst is lang en de middelen zeker niet onuitputtelijk, mijn boodschap dat de investeringen in de toekomst een prijsverhoging tot gevolg zullen hebben stuiten keer op keer op hevige reacties die op zich begrijpelijk zijn gezien meestal de rest van mijn stelling niet wordt opgenomen. Dat andere kosten gaan dalen wordt vaak vergeten gezien onze olie en gasfacturen ook aanzienlijk zijn en voor een groot deel kunnen wegvallen.

Beloftes of suggesties maken over mogelijke prijsdalingen hebben altijd tegen onze sector gewerkt, of het nu was op het moment dat de markt geliberaliseerd werd en de politiek in koor riep dat nu de prijzen zouden gaan dalen, totdat Bush Irak binnenviel. Dat de liberalisering er wel voor zorgt dat aan de laagst mogelijke prijs wordt gewerkt en er dus wel degelijk een dempend effect is kan er niet voor zorgen dat de perceptie keert.

Ook de duurzame sector wordt keer op keer weggezet als poenpakkers, enkele jaren geleden met de zogenaamde oversubsidiering van de zonnepanelen en nu weer met de windmolenparken op zee. Het bashen van de sector is nu eenmaal een klassiek gegeven geworden en hierdoor legt men wel een hypotheek op het broodnodige draagvlak om de transitie te kunnen maken.

Doch is het verfrissend dat minister Tommelein ondanks de vele tegenkantingen van collega’s die tegen verandering zijn hij toch recht gaat staan en met veel voluntarisme er tegen aan gaat. Hopelijk zingt hij de rit uit gezien hij het stokje al heeft overgenomen van mevrouw Turtelboom. De verkiezingen beginnen al volgend jaar en vaak ziet men dan wel al verschuivingen.

Tegelijkertijd dook in de media ook weer een oud monster op met Doel 1 en 2 die wederom slechte punten gekregen heeft van de Fanc. Wellicht nog belangrijker nieuws op termijn want vroeg of laat zal het geduld toch wel op zijn en gaan deze oudste centrales terecht gesloten worden.

Dat vorige week de bevoegde Europese Commissaris op bezoek was in België was niet meer dan een voetnoot gezien zijn boodschap toch wel wat wenkbrauwen deed bewegen. Plots zijn we goed bezig en bij de betere leerlingen en wat vooral opviel was het discours van minister Marghem dat de doelstellingen van 2020 niet zo belangrijk zijn en dat de focus beter op 2030 gericht kan worden. Ook hier zit een grond van waarheid op voorwaarde dat uitstel geen excuus wordt en de woorden klonken dan ook heel hol gezien er nog geen enkele onderbouwing is om haar stelling te staven. Uitstellen kan perfect aanvaardbaar zijn als je een uitrolplan hebt met middelen dat aantoont dat het objectief in 2030 op een betere wijze kan gehaald worden dan in plaats mordicus overal windmolens te gaan plaatsen zonder visie op het total plaatje. Dat deze minister tot nu toe nog een leeg blad moet presenteren is toch wel heel pijnlijk te noemen en was het dus des te opvallender dat de Europese Commissaris hier een bloemlezing kwam geven.

De Eandis soap: deel 2 De gevolgen

Nu het stof langzaam begint neer te komen beginnen de eerste mogelijke gevolgen zichtbaar te worden, of toch in ieder geval door velen besproken te worden. Het Brexit gevoel bekruipt ons allemaal nu want er is voor dit dossier geen scenario B op korte termijn. Ook dit dossier kent zijn “Lafarges” die zonder stil te staan bij de gevolgen jaren schade aanrichten om dan vervolgens in stilzwijgen te verdwijnen.

Het rondje zwarte pieten zal nog wel een tijdje doorgaan, iedereen wijst naar elkaar ook al brengt dit mogelijke alternatieven geen stap dichterbij. De schade is trouwens nog niet in kaart gebracht, als dat al mogelijk is. U kunt zich het wantrouwen voorstellen tussen de aandeelhouders onderling, verweesd kijken ze in het ronde en vragen zich af hoe dit in hun eigen gezicht is kunnen ontploffen. Het management is waarschijnlijk nog meer ontredderd want zij zijn in de rug gestoken door hun eigen aandeelhouders.

Dapper roepen zij nu op zoek te gaan naar alternatieven, maar eigenlijk hebben ze geen mandaat meer. Voor de aandeelhouders wacht de zware taak om het verbrande management dan ook maar te vervangen en de verantwoordelijkheid daarvan voor een groot deel op zich te nemen.

Ook de Vreg komt heel gehavend uit dit verhaal, op zich is hun beslissing zeer correct, alleen kan men zich toch zeer grote vragen stellen bij de timing. In volle storm nog even olie op het vuur gooien is geen toeval of in ieder geval zeer naïef. Ook bij het Vreg zal de Vlaamse overheid puin moeten ruimen en het management wijzigen. Nu is dat in het geval van de Vreg eigenlijk nog steeds in volle gang want zij gaan in de toekomst rapporteren aan het parlement in plaats van aan de bevoegde minister. Op papier een goed idee mocht het niet zijn dat zonder extra bevoegdheden je dit ook kan zien als een sterfhuisconstructie.

De speelbal worden van alle partijen in plaats van één, brengt ook gevaren met zich mee. Het uitblijven van een vervanger voor de in juni 2015 op pensioen vertrokken persoon van Dhr. Pictoel bewijst ook dat men de Vreg vleugellam wilt maken. Op wat wacht men? Een sterke persoon is nodig in deze fase van onze sector waarin harde keuzes moeten gemaakt worden en voorstellen ook door de regulator naar de politiek toe moeten worden gedaan. Een schande is het eens te meer, wat hier achter zit of wie is niet duidelijk. Vanuit de kabinetten gaan we geen onderbouwde lange termijn visies hoeven te verwachten en dat zou ook niet eerlijk zijn.

De kennis en kunde ontbreken gewoon, omdat te kunnen doen, maar dat wil niet zeggen dat ze niet belangrijk zijn als er ooit een visie en een plan komen. Deze visie moet uitgewerkt worden en omgezet worden in de juiste regel- en wetgeving. Ook de coördinatie is belangrijk bij het uitwerken van een dergelijk plan. In ieder geval staat Dhr. Tommelein voluntaristisch in deze zaak en lijkt hij ambitieus genoeg te zijn om een poging te wagen.

Hoe anders is het op het federale niveau, wat een armoede, wat een zwak verweer. De enige uitleg die mevrouw Marghem wist te geven deze week was dat ze wacht op de regio’s. Excuseer mijn taalgebruik, maar dat is compleet van de pot ger…. Het is de federale overheid die niet alleen de leiding moet nemen in dergelijk dossier, maar toch minstens de coördinatie. Waar zijn de werkgroepen die wekelijks/tweewekelijks samenkomen? Waar is de visie? Het schrijven van een visie is een kwestie van enkele zinnen en geen boekwerk. Na de visie komt het onderbouwde plan en daar zit het echte werk in. Schrijf desnoods drie visies en vraag het parlement en de regio’s om hun mening.

Ondertussen komen er wel interessante meningen naar boven, maar velen zijn gekleurd. De baas van Elia roept dat import de oplossing is. Toeval? Niet echt, alleen vergeet hij er wel bij te zeggen dat import verre van zeker is want de landen waar we mee verbonden zijn staan zelf voor grote uitdagingen om voldoende productie over te houden. Zelfs Frankrijk is niet meer zeker in de toekomst, ondertussen begraaft hij ook snel even de opslag en doet hij dit af als te duur. Op de vraag of een EBITDA (bruto marge) van 52% normaal is wordt zelfs niet geantwoord of beter nog het interesseert hem niet. Ben benieuwd wat de federale regulator Creg hiervan vindt? Dit soort marges is zelfs in de gouden jaren van de mobiele sector niet gezien. Uit dit soort opmerkingen kun je duidelijk opmaken dat men toch behoorlijk buiten de marktwerking staat en vanuit een ivoren toren denkt.

Terugkomend op het Eandis dossier wordt het duidelijk dat men nog vele jaren hinder zal ondervinden van dit fiasco en iedere klant dit gaat voelen in zijn factuur. Ongeacht wat de aandeelhouders zeggen, de kostprijs van de werking van onze netbeheerder zal meer gaan stijgen dan nodig was. Zij zullen zich de komende jaren gaan financieren met leningen totdat andere oplossingen uitgewerkt zijn. Het is wachten op het volgende energiedossier dat weer veel aandacht zal krijgen zonder bij te dragen aan oplossingen. De welke? Het zou best kunnen dat nog meer centrales gaan sluiten gezien Engie volgende week nog in Nederland bijna de helft van zijn gascentrales gaat sluiten, verplaatsen of in de mottenballen steken.

Een nieuw marktmodel dringt zich op zodat nieuwe investeringen op gang kunnen komen maar hiervoor ontbreekt het blijkbaar aan visie of wil.

De Eandis soap

Het was moeilijk om vorige week te ontsnappen aan het nieuwsitem dat de radio, tv, kranten en sociale media domineerde, de Eandis soap. Wat een hamerstuk had moeten worden op de eerstvolgende vergadering met de gemeentelijke aandeelhouders is volledig ontspoord in een jacht met honden.

Eens bloed geroken is het lot vastgesteld en lijkt Eandis verder weg dan ooit van hun gewenste kapitaalsverhoging. Gezien optimisme een morele verplichting is kan men stellen dat vanuit iedere puinhoop iets geleerd kan worden.

Dat het management van Eandis hier volledig onderuit gaat is des te erger daar dergelijke trajecten normaal gezien niet leiden tot dit resultaat. De aandeelhouders hebben lang geleden ongetwijfeld hun akkoord gegeven en na zowat twee jaar voorbereiding was het zover. Terugkijkend kan men wellicht stellen dat het beter was geweest om eerst de zeven intercommunales te fusioneren zodat er al een echte eenheid was.

Een andere oplossing was wellicht geweest een schriftelijk goedkeuring van alle aandeelhouders dat zij akkoord gingen met een kapitaalsverhoging door externen. Dat het imago van ons land en zijn regio’s de laatste jaren er niet op vooruit is gegaan is ongetwijfeld nog een eufemisme en zal nog lang doorwerken gezien dergelijke zaken blijven hangen in ons geheugen.

De lijst is dan ook indrukwekkend lang te noemen, van de groene stroomcertificaten voor de zonnepanelen, de afvalverbranders, de biomassacentrales in Gent en Genk, Doel 1 en 2, de gemiste belastingen op onze kerncentrales, van tekort naar te veel productie, btw-verlaging en btw-verhoging binnen de 24 maanden, het straffen van duurzame investeringen in bijvoorbeeld warmtepompen door de sterke stijging van de distributiekosten, CO2-verdeling tussen de gewesten, het uitblijven van een energiepact dat er eerst in 2015, dan in 2016 en nu in 2017 zal komen, etc.

Velen van u kunnen waarschijnlijk de lijst nog veel langer maken, maar zelfs met bovenstaande items kan men gerust stellen dat heel onze sector de speelbal is geworden van de beleidsmakers, met de socialisten op kop, die reeds ten tijde van Dhr. Stevaert het onderwerp energie naar zich toe getrokken hebben.

Kijkend naar de puinhopen waarvan hierboven enkele omschreven staan, kan men gerust stellen dat het resultaat er een is dat moeilijk als totaal onvoldoende kan omschreven worden. Energie is net als telecom niet deelbaar en dus zou men deze per direct terug onder één verantwoordelijkheid moeten brengen.

De kafkaiaanse toestand die nu onze sector uiteen scheurt dreigt uiteindelijk zelfs onze welvaart aan te tasten want productie, hoogspanning, laagspanning, handel en verkoop hebben één aanspreekpunt nodig om waar nodig een gestroomlijnde wet- en regelgeving te kunnen uitbouwen.

Nu begrijp ik wel dat dit idee utopisch is gezien men sinds de jaren tachtig België is gaan opknippen zonder dat men beseft dat dit ook grote nadelen met zich mee zou brengen. Het gezegde “Wat we zelf doen, doen we beter.” zullen we deze week wel definitief kunnen opbergen.

Onze sector verdient kwaliteit en kennis van zaken en niet toevallig geplaatste politici die alleen nog brandjes doven en hoogstens reageren op twitterberichten. Deze week is iedereen gewoon collectief gebuisd op ieder niveau binnen het openbaar bestuur.

Wat nu? Zoals gezegd kun je uit iedere puinhoop iets nieuws bouwen en dat zal hier niet anders zijn. De ballonnetjes van zaken zoals een beursgang zijn nobel alleen ver van de realiteit gezien de aandeelhouders nu eerst een potje ruzie gaan maken onderling en zwarte piet dus vroeg in het land is dit jaar.

Welke oplossing dan ook, u en ik gaan deze betalen in het distributietarief. Natuurlijk kan Eandis geld gaan lenen om de nodige investeringen te kunnen doen, de intresten op deze leningen gaan netjes in de kosten en worden dan vervolgens in uw factuur gebracht.

Nieuw jaar, nieuwe hoop, nieuwe plannen

Alvorens direct weer in onze boeiende sector te duiken is het toch goed om even stil te staan bij het afgelopen jaar en vooral ook vooruit te kijken op wat we willen bereiken dit jaar. De Vlaamse minister-president Geert Bourgeois zei het de afgelopen dagen nog: het is zo slecht niet in ons land en wellicht is hij hier te leen gegaan want het lijkt wel veel op “optimism is a moral duty”. Maar hij heeft wel gelijk want natuurlijk gaan er vele dingen fout in een complexe samenleving, maar we moeten ook kijken naar de middelen die we hebben om het beter te doen.

Tegelijkertijd zegt professor Lode Vereeck terecht dat er meer dient geïnvesteerd te worden in O&O om zo bij de top te kunnen horen, maar op zich vullen deze boodschappen elkaar aan. Nu, woorden op zich vullen geen gaatjes en alleen daden zullen ons de noodzakelijke vooruitgang brengen. Naar onze sector teruggaand, is de verwachting van een lange termijn energiepact hoog en ook hier zal vanuit de diepte dienen gewerkt te worden. België kan en dient ook resoluut te gaan voor nieuwe oplossingen in onze sector want ook de tijdens de Kerstvakantie is het vooruitzicht niet echt beter geworden.

De lage olieprijs doet Europa opgelucht ademhalen om de economische motor toch maar aan de gang te krijgen, alleen is dit geen duurzame groei. Als we onze groei moeten gaan baseren op de olieprijs die zowat volledig buiten Europa wordt bepaald, dan geeft Europa ook indirect aan dat ze het zelf niet meer weten.

Zelf heb ik enige nieuwe accenten gelegd voor 2015 door enige bedrijven te gaan ondersteunen binnen en buiten mijn sector. Enerzijds is er een jonge start-up genaamd Enervalis die zowel in Europa als in Amerika actief is met het ontwikkelen en aanbieden van slimme oplossingen voor onze sector (zie www.enervalis.com). De informatisering van onze sector is geen nieuw gegeven, maar met de komst van prosumers (decentrale productie die ook lokaal geconsumeerd wordt) is het speelveld wel een stuk complexer geworden.

De netwerken zijn niet uitgerust voor de honderdduizenden kleine duurzame productiebronnen en men merkt nu al in sommige steden dat de lokale netwerkbeheerders op de rem gaan staan. Het installeren van honderden elektrische laadpunten in een stad is één ding, maar er tegelijkertijd gebruik van kunnen maken zonder het net (of wijken) in problemen te brengen, is een ander. Het beter beheren van de energiestromen wordt één van de uitdagingen voor onze sector.

Anderzijds speelt ook het probleem van gebrek aan opslag (of verwerking tot andere brandstof) van bijvoorbeeld windenergie. Dat waterstof nog een geweldig potentieel heeft in de Lage Landen(en daarbuiten) is al jaren geweten, maar de echte doorbraak laat nog op zich wachten. Als transportbrandstof zullen we moeten wachten totdat de olieprijs naar nieuwe hoogten gaat of het klimaat ons inhaalt. Dat 2014 ons een nieuw warmterecord heeft gebracht wereldwijd veroorzaakt zelfs geen rimpeling in het politieke speelveld, de kreeft wordt langzaam gekookt en beseft niet dat hij het volgende maaltje is.

Ook in België verricht een bedrijf als Hydrogenics onderzoek ( www.hydrogenics.com ) naar het actuele onderwerp van Power-to-Gas om in detail te bekijken hoe waterstof mee één van de dragers kan worden voor het groeiende aandeel in duurzame productie. Het kunnen opslaan van bijvoorbeeld wind in waterstof als opslag is één ding, maar vervolgens deze productie te gebruiken als brandstof in ons wagenpark heeft nog meer potentieel. Met de huidige brandstofprijzen zal dit nog niet lukken, maar dat is slechts een kwestie van tijd. Ook kunnen overheden het goede voorbeeld geven en hiervoor een gedetailleerd beleid uitwerken zodat bijvoorbeeld één van de grote obstakels, zijnde het gebrek aan tankstations voor waterstof en CNG, op termijn wordt opgelost.

Buiten de mogelijkheid om windenergie om te zetten in waterstof die op zijn beurt wordt omgezet in methaan en dus bruikbaar als CNG, is het ook mogelijk om biogas om te zetten in CBNG en zo heb je dus groen gas waar voertuigen op kunnen rijden. Ook hier verwacht ik dat de komende jaren werk van gemaakt zal worden om C(B)NG als volwaardig alternatief naast diesel en benzine te krijgen. Anders dan LPG wat eigenlijk een afvalproduct is van olie, is CNG een stuk schoner en zeker al als je deze uit biogas haalt. Ook hier zal de overheid een belangrijke rol spelen om deze nieuwe vormen van lokaal geproduceerde brandstof te kunnen laten penetreren in de markt. Hoe groot de interesse van die overheid nog is met de actuele lage olieprijs, valt af te wachten.

Als laatste ondersteun ik ook een nieuw initiatief in de software sector, in meer bepaald de gehoorindustrie. Deze zeer afgeschermde sector (wereldwijd zes fabrikanten) is decennia lang vrij statisch gebleven en werd vooral als noodzakelijk aanzien voor ouderen. Nu 15% van de bevolking vandaag al gehoorschade heeft (o.a. door alle moderne audio-apparaten en het randlawaai in de maatschappij), wordt dit probleem steeds meer “mainstream”. In de toekomst zal men met een hoorprobleem veel meer kunnen dan vandaag door de mogelijkheden van Bluetooth, Wi-Fi en software. Dit bedrijf Samplified (www.samplifiedeurope.com) heeft als ambitie om met software oplossingen op maat deze sector open te breken (in eerste instantie in een aantal landen in Europa) in alle geledingen door toegang te verlenen aan een billijke kost. Benieuwd hoe de overheid en de bedrijven in de sector hierop gaan reageren.

De hoofdaandacht blijft natuurlijk de verdere groei van NPG Energy ondersteunen, maar gezien we vorig jaar alleen al drie nieuwe biogascentrales hebben laten bouwen (waarvan er twee al operationeel zijn) en ook een vierde initiatief, zijnde NPG Agro, hebben opgestart, lijkt me de verdere implementatie voor dit jaar het hoofdpunt. Het bewerken van meer dan 1200 hectaren is op zich een groot project te noemen met een oogst van meer dan 100.000 ton landbouwproducten waarvan ook met inbegrip van een winteroogst. Ook is het afwachten wat onder andere de Vlaamse overheid en de bevoegde minister Turtelboom uit de spreekwoordelijke hoed gaan toveren met hun beleid. Het is één ding om te zeggen dat je het groenestroomcertificatensysteem overboord gooit, maar het is een heel ander ding om een nieuw investeringsbeleid op te bouwen dat stabiliteit kan brengen. De minister verdient in ieder geval het voordeel van de twijfel, maar men moet goed beseffen dat iedere dag vertraging betekent dat er minder zal geïnvesteerd worden in Vlaanderen. Onze projecten in ontwikkeling zijn momenteel dan ook vooral in Wallonië en Nederland.

Elektriciteit brengt inflatie terug iets omhoog

Dat onze elektriciteitsfactuur de laatste twee jaar stelselmatig was gedaald door hoofdzakelijk de btw-verlaging in combinatie met nog lagere beurs(elektriciteit)prijzen voor het product was voor de burger goed nieuws. De bedrijven hebben de laatste jaren ook kunnen profiteren van lage energieprijzen, alleen willen ze dit niet altijd horen.

Vooral de grote bedrijven vergelijken nogal gemakkelijk met de prijzen in andere landen om dan aan te duiden dat de Belgische prijzen (groothandel) toch hoger zijn. Voor een deel is dit juist daar grote fabrikanten de energieprijs dienen te verrekenen in hun eindproduct en hiermee dienen te concurreren met hun concurrenten over de ganse wereld. En toch zou het de grootverbruikers sieren mochten ze bevestigen dat de energieprijzen dezer dagen gewoon laag zijn, of dit nu voor olie of gas is en zelfs voor elektriciteit als je deze vergelijkt met vijf jaar geleden.

De huidige elektriciteitsprijs moet minstens met 60% stijgen willen we nieuwe investeringen nog maar op gang brengen en meer dan verdubbelen om ons de garantie te geven dat ook binnen tien jaar het licht blijft branden. Met de huidige olieprijzen onder de 60 dollar per vat -en zelfs op weg naar mogelijk nog lager – ligt niemand nog wakker van dit probleem. De korte termijn is keizer en dat merk je ook in de berichtgeving die hoogstens 2015 meeneemt om een groeiprognose van onze economie weer te geven. Prognoses trouwens die op drijfzand gebouwd zijn gezien het grote aantal bijsturingen die men constant ziet.

Terugkomend op de aangekondigde forse prijsstijging op uw elektriciteitsfactuur dienen we te benadrukken dat het vooral de gereguleerde kosten zijn die beginnen door te wegen. De distributietarieven die gemiddeld met 8% gaan stijgen (maar in Limburg stijgen deze gemakkelijk met het dubbele en nog meer!) maken de marktliberalisering monddood. Het stukje waar echt op geconcurreerd wordt dreigt marginaal te worden, waardoor de diverse leveranciers zelfs hun laatste argument zien verdwijnen in nietigheid. De prijs waar zolang op gehamerd werd is morgen geen argument meer als de “commodity” nog maar 30% van uw elektriciteitsfactuur uitmaakt.

Naar mijn mening dient men te gaan naar twee facturen, één waar alleen het productgedeelte op staat en waar de leveranciers elkaar dus kunnen concurreren, en een andere factuur waar alle andere gereguleerde kosten op staan. Dat Febeg (de woordvoerder van 25 leveranciers) zegt dat ze nog steeds voor één factuur zijn is voor mij een raadsel. Ik voorspel dan ook voor 2015 dat we naar een consolidatie zullen gaan en het aantal “grote” leveranciers in aantal zal verminderen. De eerste lijken me E.on, Enoco en Essent te zijn en dat zou nog geeneens een slechte zaak zijn.

Waarom deze drie bijvoorbeeld? Wel, E.on heeft al genoeg problemen in het thuisland en lijkt me geen strategie te hebben behalve dan uit het geliberaliseerde deel van de markt te gaan. De beslissing van E.on om zijn productiepark te verkopen en aan te kondigen vooral als netwerkbeheerder en investeerder in groene energie verder te gaan, bewijzen deze stelling. Het hebben van een klantenbestand als leverancier als je de eigen elektriciteitscentrales verkoopt of stopt heeft geen zin. Nu RWE de touwtjes volledig in handen neemt vanuit Duitsland voor de Benelux is het afstoten van zijn Belgische leverancier weer aannemelijk geworden. Voor Eneco geldt dat – indien ze niet verder kunnen groeien – hun marktaandeel nog te klein is om hier mee verder te gaan. Ook kleinere spelers als Lampiris (in volume) worden een vogel voor de kat op het moment dat de groothandelsprijzen terug gaan stijgen gezien de marge nu al zo klein is als leverancier.

Wat mogelijks nog veel erger is, is dat deze forse prijsstijging van het netwerkgedeelte er ook voor zal zorgen dat decentrale vormen van verwarming in het nauw komen. Je moet maar net in een warmtepomp geïnvesteerd hebben waardoor je dus je verwarming elektrisch doet maar wel zeer duurzaam bezig bent. Zo wordt je dus direct gestraft en dit op een moment dat stookolie en gas spotgoedkoop zijn. De berekening van je investering kun je voorlopig wel opbergen en ik voorspel dan ook dat men gewoon met stookolie en gas zijn huis blijft verwarmen (wat niet duurzaam is).

Dit deel is de overheid/regulator wellicht vergeten maar men dient de impact hiervan niet te onderschatten. Zeker in een land als België waar iedereen groot woont (en vaak in aparte huizen) is de verduurzaming van verwarming niet eenvoudig en kunnen warmtepompen enige soelaas bieden.

Nu betwist ik niet dat de kost van groene stroomcertificaten dient betaald te worden, alleen weet ik niet of de netwerkbedrijven al zo efficiënt werken aan marginale kost. Wat is hun rendement op dit ogenblik? Meer dan 4% rendement is niet nodig in een monopolie en onze netwerktarieven blijven merkwaardig hoog in vergelijking met onze buurlanden.

De stijging van onze elektriciteitsfactuur zal in ieder geval de inflatie weer iets de hoogte in brengen maar het is wachten op de eerste rechtszaken om deze stijging aan te vechten. De aankondiging van een nieuwe poging om eigenaars van zonnepanelen een soort injectievergoeding aan te rekenen, lijkt me op enig juridisch drijfzand gebouwd vermits de vorige poging ook gesneuveld is in de rechtbank. Terecht trouwens want mensen retro- actief gaan belasten nadat ze een investering hebben gedaan, is geen daad van goed bestuur. Het argument dat men geen netwerkkosten betaalt als men zelf zonnepanelen heeft, is een regelrechte leugen want dit geldt niet voor iedereen. Al de mensen die bijvoorbeeld een warmtepomp hebben en zonnepanelen betalen wel degelijk nog veel distributiekosten en wat ga je dan doen? Het wordt in ieder geval weer een jaar waar advocaten voldoende werk gaan hebben in onze sector.

Energie buiten verkiezingskoorts?

De eerste verkiezingsbeloften in België worden stilaan op papier gezet en zelfs soms al in de media vernoemd. Of al deze balloontjes ooit bewaarheid worden zullen we wel merken na de verkiezingen, maar iedereen begrijpt wel dat de ruimte bijzonder beperkt is als je budget al een tekort vertoond en je een schuld hebt van een kleine 300 miljard euro.

Wat ons in de Belgische energiesector vooral bezig houdt is of de partijen deze keer een energiestrategie gaan meenemen in hun doelstellingen? Energie kan voor België voor heel wat investeringen zorgen gezien het huidig tekort aan productie en de (hoge)leeftijd van een deel van onze energiesystemen.

Dat de bekende voorvechters voor zogenaamde goedkope energie vandaag zwijgen is omdat zij zeer goed weten dat energie zeer goedkoop is, toch in ieder geval het product gedeelte. Op zowat alle energiebronnen wordt zeer veel belastingen geheven en op zich is daar iets voor te zeggen gezien de overheid best het verbruik belast en niet het bezit.

Dat bepaalde partijen al druk bezig zijn om de politieke partijen te beïnvloeden kun je gewoon lezen, bijvoorbeeld de intercommunales/netwerkbedrijven pleiten open voor een capaciteitsvergoeding. Op zich een goed verzoek alleen viel ik toch van mijn stoel toen ik hoorde dat ze dan ook hun huidige transport/distributie vergoeding per KWh willen behouden. Oh ja, en laten we er nog wat mayonaise op gooien in de vorm van een injectievergoeding voor alle mensen die geïnvesteerd hebben in decentrale productie.

De kassa’s lopen zich al warm op het trainingsveld en het is maar af te wachten of de regionale regulatoren voldoende weerstand gaan bieden tegen deze escalatie van belastingen/vergoedingen. Zoals ik al vaak heb geschreven is in de energiesector niks toeval en de netwerkbedrijven zien hun kans schoon nu ze bijna van de CREG af zijn om hun slag te slaan.

Onder het rookgordijn van de zogenaamde tegemoetkoming om voor één tarief te kiezen voor alle gebieden/netwerken (het blijven trouwens wel twee gescheiden netwerkbedrijven zijnde Eandis en Infrax) hoopt men de regionale ministers (lees Freya van den Bossche was voor dit eenheidstarief) gunstig te stemmen als de nieuwe kosten onder de radar in de factuur worden geschoten.

Nu ben ik zelf een groot voorstander van een capaciteitstarief gezien de investering in een netwerk gebaseerd is op deze norm (en niet zozeer op wat je verbruikt binnen je toegewezen capaciteit), maar daar dient het dan ook mee te stoppen. Er is geen enkele logische reden om per KWh te factureren als netwerkbedrijf behalve dan als geldmachine/belasting. Zoals ik al eerder heb gezegd begrijp ik het debat wel dat decentrale duurzame productie, (vaak PV installaties) een vergoeding hadden moeten betalen voor het vervuilen van het netwerkbeheer (met vervuilen bedoel ik dat dergelijke installaties niet volledig betalen voor het gebruik van het netwerk, maar er wel gebruik van maken). Ook al dient dit ook genuanceerd te worden want ik heb zelf ook PV panelen, maar betaal nog steeds veel netwerkkosten), maar dit retroactief doen op de rug van al deze burgers die geïnvesteerd hebben met hun spaarcentjes in duurzame energiehuishouding is gewoon NOT DONE.

Dat er naast het eenvoudige capaciteitstarief, vastgesteld door de regionale regulator in de toekomst (VREG/CWAPE/Brugel), ruimte moet zijn voor toekomstige investeringen staat buiten kijf, maar doe dit transparant zodat de regulatoren kunnen bevestigen dat dit tegen kost gebeurt. Nu het distributietarief naar de regio’s gaat en de regulatoren zoals de Vreg hierover hun advies gaan geven aan de toekomstige bevoegde ministers kan men eindelijk ook eens wat doen aan de historische vergissing om alles door de leveranciers te laten factureren.

Zelf zie ik veel meer in het Nederlands systeem waar de energieleverancier alleen het product factureert en het netwerkbedrijf/intercommunale alle andere kosten (lees de gereguleerde of niet vrije kosten). Hierdoor zie je gewoon veel duidelijker als klant hoeveel je echt betaalt voor het “vrije” product. Nog belangrijker is echter dat het risico van de leveranciers hierdoor verkleint want het kredietrisico is zeer groot als je gedwongen wordt om ook voor anderen te factureren. In het begin van de liberalisering in 2003 was men gewoon vergeten dat dit veel geld kost voor de leveranciers om het incasso bureau te worden voor iedereen terwijl je mocht beginnen met nul klanten. “Whoeps” zeiden de regulatoren toen tegen mij en men gaf toe (achter gesloten deuren) dat dit een fout was, maar veel is er niet aan gedaan. Nu is er dus de kans om de leveranciers een faire vergoeding te geven voor dit risico of beter nog de facturen te gaan scheiden.

In ieder geval zou dit een punt kunnen zijn in de verkiezingen, maar het is te verwachten dat het vooral de volgende regionale regeringen zullen zijn die daar op hun nieuwe kabinetten moeten over beslissen. Het is voor iedereen te hopen dat ze met ervaren mensen beginnen en deze complexe materie.

Innovatie moet in stroomversnelling

Ook al stond deze week in het teken van de rampspoed bij Ford Genk, iedereen is het er wel over eens dat innovatie meer centraal moet gaan staan in onze industrie. Als we moeten gaan concurreren met lage loon landen gaan we altijd aan het kortste eind trekken. Wat ook stilaan een vertrouwd beeld was zijn de dames en heren politici die aan alle rampspoed de zogenaamde crisis hangen of de fout van Europa.

Nu is Ford Genk aan veel te danken, maar niet aan de crisis. De overcapaciteit is al jaren een groot probleem in de autosector en daarbij komt dan nog dat Ford blijkbaar geen modellen meer heeft die massaal aanslaan. Bij andere fabrikanten zoals VW, Audi, BMW, Mercedes, Hyundai, etc. is het geen crisis dus stop met de mededeling dat het crisis is of dat de lonen de oorzaak zijn.

In onze eigen sector is het ook alle hens aan dek want de winter komt eraan en België heeft in lange tijd niet zo’n krapte gekend aan elektriciteitsproductie. Dat onze politici zeggen dat er geen probleem is wordt blijkbaar niet gedeeld met de hoogspanningsbeheerder Elia die toch zeer duidelijk is in zijn communicatie over de mogelijke gevaren op dit ogenblik. Aan de andere kant is er veel mogelijk aan de grenzen gezien wij bijvoorbeeld met onze Noorderburen tot 1500 MW kunnen importeren.

De frustratie heerst vooral in het feit dat ze niet gehoord of begrepen worden wanneer ze met de beleidsmakers spreken en dat de complexiteit hun volledig ontgaat. Het gebrek aan elementaire kennis van onze sector bij de politieke verantwoordelijken zorgt er inmiddels voor dat er zo goed als geen investeringen op gang komen. Ook niet in de netwerken trouwens waar de diverse fabrikanten en leveranciers aan bijvoorbeeld netbeheerders melden dat de investeringen op een zeer laag pitje staan.

Op een moment dat we onze ganse energiehuishouding dienen te verduurzamen worden de investeringen teruggeschroefd in zowat alle delen van onze energieketen. Wellicht is het laatste deel het enige waar positieve boodschappen vandaan komen want het marktaandeel van de dominante marktpartij is voor het eerst in Vlaanderen onder de 50 % gedaald bij de gezinnen. Het feit echter dat de alternatieve leveranciers zelf weinig nieuwe productie bouwen betekent echter een hypotheek op de houdbaarheid van hun ondernemingsmodel.  In de jaren van 2003 tot 2008 hadden we relatief hoge groothandelsprijzen en was het veel moeilijker om te kunnen concurreren.

Dat eigen productie vandaag geen voordelen biedt is voor een deel waar daar de groothandelsprijs voor elektriciteit zeer laag staat, maar betekent wel dat als de prijs snel zou gaan stijgen (in de groothandelsmarkt) en men de eindprijs niet kan laten stijgen degene zonder eigen productie zich als eerste uit de markt zullen terugtrekken.

In de duurzame sector zeggen bedrijven als Vito en 3 E zeer duidelijk dat Vlaanderen een kruis heeft gemaakt over zijn duurzame ontwikkeling met de nieuwe aangekondigde ondersteuning (lees regelgeving) van het gekende certificatensysteem. Er wordt gewoon gezegd dat de Vlaamse socialisten maar één ding willen en dat is dat de prijs niet stijgt en dat dit ten koste mag gaan van zowat alles. Dat biogas met de nieuwe spelregels niet meer mogelijk wordt laat ze volledig koud ook al is dit zowat de enige vorm waar betrouwbaar en continue duurzame energie mee kan gemaakt worden.

De vrienden van Oostende hebben kwistig met offshore vergunningen gestrooid en dat hierdoor alleen onze energierekening met 30% gaat stijgen is hun blijkbaar ontgaan of van ondergeschikt belang.

In ieder geval was het initiatief van Elia afgelopen week om innovatie centraal te stellen om zo ook aan oplossingen te werken geslaagd. We moeten ook aan de vraagkant (demand side) gaan werken en ervoor zorgen dat de verbruikers gelijkmatiger gebruik gaan maken van de beschikbare energie. Dat slimme systemen hierbij noodzakelijk zijn zal niemand verbazen.

Dat de netbeheerders behoefte hebben aan flexibele en direct inzetbare capaciteit is al langer geweten, maar de noodzaak om veel verder te gaan dan alleen maar het afschakelen van enkele grootverbruikers staat hoog op de agenda. Mijn idee dat de overheid via een publieke aankoopcentrale tevens enkele piekcentrales zou bouwen die dan door Elia zouden worden uitgebaat werd nog steeds aanvaard als een haalbaar en realistisch idee. Het lijkt me in ieder geval een veel beter idee dan subsidie te gaan geven aan gascentrales (bestaande of nieuwe) die niet speciaal gebouwd worden als piekcentrales. Het is de groothandelsmarkt die zal moeten zorgen voor aanvaardbare prijzen zodat het terug interessant wordt om te investeren in gascentrales en niet de overheid.

Elektriciteitsproductie in België neemt verder af

De laatste twee weken wierpen weer twee producenten gedeeltelijk de handdoek in de ring.  In de linkerhoek stond Eon die besloten heeft om een gascentrale in de mottenballen te brengen. Veel plezier hebben ze nog niet gehad aan de swap van enkele jaren geleden met Electrabel (ze hebben toen een 1500 MW geruild naar aanleiding van de fusie tussen Suez en GDF).

In de andere hoek staat RWE/Essent die tevens te kennen geven dat de gascentrale van Tessenderlo beter stopt(lees mottenballen) (gelijkaardig met Eon) en dat men deze wellicht later terug in dienst zal nemen. Deze centrale is ook nieuw en toch lukt het niet wat er op wijst dat er een acuut probleem is (niet alleen in België trouwens want ook in Nederland staan verschillende nieuwe gascentrales meer stil dan dat ze werken).

Nog steeds blijft staatssecretaris Wathelet zeggen dat er geen probleem is met de bevoorradingszekerheid, maar de zenuwachtigheid kan niet anders dan toenemen want het verliezen van flexibele gascentrales op een moment dat je basislast centrales (kernenergie) onzeker zijn voor de toekomst.

De hint die gegeven wordt om zowel in Nederland als België dan maar subsidies te gaan geven aan uitbaters van zowel nieuwe als oude gascentrales is echter geen structurele maatregel en al zeker geen voor de hand liggende oplossing. Het subsidiëren van centrales die fossiele brandstoffen gebruiken lijkt me geen goed idee om de duurzaamheid van je park verder uit te breiden. 

Aan de andere kant is er wel een acute behoefte aan ondersteuning, maar wellicht is het beter om deze centrales proberen over te nemen zodat de overheid dan ook de baten kan hebben wanneer de groothandelsprijzen terug gaan stijgen. 

Het idee om de producenten die willen sluiten te gaan verplichten om hun centrales open te houden lijkt me toch echt een noodmaatregel die op paniek wijst en ook niet echt juridisch haalbaar is. Dergelijke noodwetten in tijden van schaarste (of oorlog bijvoorbeeld) zijn toch echt niet van deze tijd. Wie gaat de lopende verliezen compenseren?

Het nog niet zo oude uitrustingsplan van dhr. Wathelet is al voor een deel ingehaald door de gebeurtenissen en de realiteit. Een realiteit dat de elektriciteitsprijs veel te laag is vandaag om nog rendabel te kunnen produceren en dit zelfs met afgeschreven gascentrales (laat staan nieuwe die je nog moet gaan afschrijven waardoor je productie kost hoger is)!!

Nog belangrijker is echter een toekomstvisie hoe ons productiepark er gaat uitzien binnen twintig jaar (tot veertig jaar) of toch het ontbreken ervan. Hoe kan men nu ondersteunende maatregelen gaan creëren als er geen visie is op wat er gaat komen? Men moet net zoals in Duitsland durven kiezen (de zogenaamde “Energiewende”) en dan ook het beleid erop afstemmen. 

Beleid is ook consequent en betrouwbaar en ook hier wringt het schoentje. Neem nu het voornemen van de distributiebedrijven (intercommunales of netwerkbedrijven) Eandis en Infrax om iedereen met productie een capaciteitsvergoeding en/of injectievergoeding te gaan aanrekenen zonder bekend te maken waarom en wat de toekomstvisie is van een toekomstig netwerk. Alle bedrijven en gezinnen die de laatste jaren hebben geïnvesteerd in bijvoorbeeld duurzame productie worden gewoon bedrogen door een beleid dat eerst beloont voor duurzame investeringen en dan doodleuk nieuwe (pest)belastingen introduceert zonder zelfs maar een rechtvaardiging van de kosten. Hierover later meer.

Van stroomtekort naar stroomoverschot

De inkt van onze stroomtekorten was nog niet droog of afgelopen weekend luidde de kerkklokken dat ons netwerk de overschotten aan elektriciteit niet meer aankon. Onze zuiderburen kregen of betaalden voor een appel en eitje de goedkope energie die uit België weg moest. De redenen voor deze plotse ommezwaai lagen in een zonnig en winderig weekend met weinig zakelijk (en privé-) energieverbruik.

Hebben we nu te veel of te weinig elektriciteitsproductie? Het antwoord is zoals steeds complexer dan de vraag. We hebben naar de toekomst toe globaal genomen te weinig (nieuwe) productie waardoor een tekort dreigt, maar we hebben ook te weinig flexibele en stuurbare productie. De huidige oude kern- en kolencentrales zijn gewoon niet zo geschikt om à la minute op en af te schakelen om zo de niet constante productie van zon en wind te compenseren.

Op zich is het positief dat we zelfs vandaag al een probleem hebben op zonnige en winderige dagen gezien ons nog zeer bescheiden duurzaam productieaandeel. Kijkt men echter naar Duitsland waar men al veel verder staat met de verduurzaming van zijn productie dan ziet men dat de problemen eerder nog gaan toenemen dan afnemen. Op windrijke dagen krijgen de buurlanden zoals Tsjechië of Nederland regelmatig meer dan 1000 MW gratis windenergie van Duitsland die gewoon geen weg weet met het teveel aan geproduceerde windenergie.

Op korte termijn kan de overheid de rechtsmiddelen geven (via de Creg) om de netbeheerder Elia de macht te geven om met alle centrales overeenkomsten af te sluiten om wanneer nodig de productie te verminderen zodat op weekenddagen wanneer er veel zon en wind is men de klassieke centrales kan verminderen in productie.. Dit gaat natuurlijk vlotter met gascentrales dan met kern- en kolencentrales. Verder kan men tegelijkertijd ook grote duurzame installaties koppelen aan het beheersysteem van Elia zodat deze wanneer nodig afgeschakeld worden om het netwerk te beschermen.

Dat dit tijdelijke maatregelen zijn moet duidelijk zijn, maar ze bieden wel een oplossing voor het probleem dat vorig weekend is ontstaan. Ook zou men op korte termijn deze overeenkomst kunnen uitbreiden met onze Noorderburen die veel meer flexibele gascentrales hebben om zo ons teveel aan duurzame energie aan hun te leveren en andersom als wij te weinig hebben (heb ik in mijn vorig stuk ook al over gesproken).

Fundamenteel dient er echter nagedacht te worden hoeveel wij wensen (kunnen) hebben van één technologie en wat de ideale mix zou zijn. Men kan gewoon niet ongebreideld wind en zon blijven bouwen zonder goede technische oplossingen om de onvoorspelbaarheid van zon en wind te compenseren. Men gaat ook het subsidiesysteem/groothandelssysteem nog moeten aanpassen waarop er ook betaald wordt om niet te produceren en/of op stand-by te staan.

Een ander fenomeen wat we al een tijdje waarnemen is dat duurzame productie er voor zorgt dat er op bepaalde momenten negatieve prijzen ontstaan op de groothandelsmarkt en de verwachting is dat deze zelf blijven toenemen. Hier heeft de overheid nog niet bij stil gestaan om het ondersteunend systeem voor duurzame energie constant te kunnen aanpassen aan de uurprijs op de groothandelsmarkt. Het gewijzigde systeem dat de subsidie verlaagt op momenten dat de groothandelsprijs stijgt, lijkt me eerder een statisch gebeuren dat weken of maanden later wordt aangepast. Onze energiemarkt is veel dynamischer en er dient dus in “real-time” gehandeld te worden en hierop zou de prijs (inclusief de subsidie voor nieuwe duurzame productie) moeten kunnen op inspelen.

De belofte van het gewijzigde subsidiesysteem in Vlaanderen zou er in ieder geval voor moeten zorgen dat de inkomsten uit energie niet te veel kunnen dalen want in theorie past de overheid dan de subsidie aan (naar boven) op momenten dat er bijvoorbeeld negatieve prijzen zouden zijn. Met de huidige lage groothandelsprijs voor elektriciteit is er gewoon geen ruimte meer om nog te zakken en biedt het gewijzigde ondersteuningssysteem in theorie meer zekerheid voor een stabiel investeringsklimaat. Voorwaarde is wel dat men de ondersteuning snel aanpast wanneer nodig.

EnglishNederlandsFrançaisDeutsch
by Transposh - translation plugin for wordpress

Archives

Polls

Gelooft u dat België en de regio's hun duurzame objectieven 2030 zullen halen?


View Results

Loading ... Loading ...