Renewable energy sources

Veel interesse voor wind en zon

Dat de nog relatief jonge duurzame sector gedomineerd wordt door de aandacht voor zon- en wind projecten is logisch gezien deze technologie ruim ondersteund werd door de diverse overheden en de technologie ook met rasse schreden vooruitgang boekt.

Of het nu qua prijs of schaalgrootte is, de cijfers blijven indrukwekkend. Dat sommige bedrijven als Dong met succes een enorme omslag hebben gemaakt en vanuit hun historische positie in minder dan tien jaar hierin geslaagd zijn is op zich een prestatie.

Of hij daarom als succesvol kan beschouwd worden is nog veel te vroeg om te kunnen beoordelen. In ieder geval is kuddegedrag nooit ver weg en ziet men ook al een aantal zogenaamde “copycats” pogingen doen om een zelfde weg op te gaan. De focus op één klein deel van de oplossing is vanuit bedrijfsoogpunt zeker goed alleen dient men dan wel te begrijpen dat men veel andere prioriteiten laat leggen.

Dat Dong vooral groeit via subsidies tot nu toe is een algemeen gegeven, maar de volgende stap om windmolenparken op zee te bouwen zonder enige subsidie is verre van zeker. De stelling van de country manager van Dong dit weekend in het Nederlandse Financiële Dagblad dat deze ingeslagen weg een zekere is lijkt me heel voorbarig. Daar wind vandaag in de wereld een heel kleine plaats in neemt (minder dan een halve percent van de totale energiebehoefte komt van de productie van wind) heb ik vorige week al toegelicht en toont gewoon aan dat de ingeslagen weg nog maar net is ingezet en nog heel lang is.

Dat elektriciteit de plaats gaat innemen van fossiele brandstof als voornaamste drager voor onze energiebehoefte is een mogelijke en zelfs een waarschijnlijke piste, maar nog lang niet een zekerheid. De gemakkelijkheid waarin velen roepen dat we dit varkentje wel even zullen wassen is er ver over, maar er zijn positieve tekenen. Vorig jaar zijn de investeringen in elektriciteitsproductie en aanverwanten voor het eerst in zeventig jaar groter dan alle investeringen samen in fossiele brandstoffen zoals olie en gas.

Dit komt vooral omdat de investeringen in olie en gaswinning dramatisch gezakt zijn mag dan al een feit zijn, de investeringen in onze elektriciteitsbehoeften blijven in ieder geval wel op peil. De volgende vraag die men moet stellen is deze op een voldoende hoog peil en het antwoord hierop is neen. De slordige 600 miljard dollar die de wereld vorig jaar spendeerde aan investeringen in elektriciteitstoepassingen is ruim onvoldoende om de omslag te kunnen maken. Het feit dat tevens ook 600 miljard dollar in olie en gaswinning werden besteed zegt genoeg. Deze 600 miljard dollar aan nieuwe bronnen is gewoon om de vervanging op peil te houden zodat we onze 90 miljoen vatten per dag olie kunnen blijven oppompen.

Zelfs als we dit bedrag ineens zouden extra gaan investeren in elektriciteitstoepassingen dan zou dit nog ruim onvoldoende zijn gezien dit alleen maar dient om de capaciteit op peil te houden. Willen we bijvoorbeeld de 90 miljoen vaten per dag vervangen door duurzame elektriciteit dan is nog een veelvoud van 600 miljard dollar jaarlijks nodig. Nu is de situatie niet zo erg gezien olie en gas nog vele decennia nodig zullen zijn en nuttig. Alleen dienen we alle verbranding in eerste instantie van olie drastisch terug te brengen en deze nuttige en noodzakelijke grondstof zijnde olie te blijven gebruiken voor al onze andere producten die we nodig hebben.

Het vinden van toepassingen die uitstootvrij zijn en die ons toch in staat stellen om olie en gas te blijven gebruiken is één van de uitdagingen waar we voor staan. Op dat vlak is het slechte nieuws van opslag van CO2 een domper op de oplossingen die men had vooropgesteld. De enorme vertraging en zelfs opgave van opslag van CO2 onder de grond bewijst ook dat woorden makkelijker zijn dan daden en dat ook onze wens om alles op zon en wind te laten werken zeker geen vanzelfsprekendheid is en vandaag ook niet onderbouwd door feiten.

De wens en wil hebben is absoluut belangrijk gevolgd door een visie en strategie. Daarna gaat men de middelen mobiliseren en gaan we er vol tegenaan. De uitrol van de vele windmolenparken is hier een voorbeeld van, maar de uitkomst is dus nog helemaal niet zeker. Er zijn nog vele ‘missing links’ waar men soms nog geen idee heeft hoe we dit gaan oplossen, soms geen toepgepaste wetgeving, geen middelen of geen wil.

Ook onze mobiliteit en de opkomst van de lithium batterij als de Eureka oplossing is er ver over want de wet van de grote getallen vertelt ons dat opschalen niet mogelijk is zonder ingrijpende aanpassingen. Hele sectoren vallen buiten de scope en stoten nog veel meer schadelijke stoffen uit. De 300.000 boten die dagelijks de wereld bevaren stoten meer uit dan alle auto’s samen in de wereld, hetzelfde geldt voor de luchtvaartindustrie die volledig buiten schot blijft tot nu toe. Deze niche sectoren zijn wellicht qua prioriteit belangrijker dan onze heilige auto gezien de oplossingen hiervoor gemakkelijker te vinden zijn door de relatief kleine krachtbron per eenheid.

Voor onze sector blijft toch de oplossing dat de overheden ervoor zorgen dat men dient te investeren in reserve capaciteit en/of opslag als men bijvoorbeeld windmolenparken op zee bouwt. Het probleem over de schutting gooien en verwachten dat anderen dit gaan oplossen is naïef en ook niet haalbaar. De stelling dat voor iedere MW wind men ook een MW opslag dient te bouwen is niet in de juiste verhouding, maar er zit wel een grond van waarheid in. Hoe meer wind en zon hoe meer noodzaak aan slimme oplossingen, of dit nu in het net is, de afname kant, opslag of reserve capaciteit, er wordt vandaag veel te weinig in geïnvesteerd.

Roaming weg in Europa: goed voor je geld, slecht voor het klimaat

Deze week stond de telecom sector positief in het licht doordat de al zo lang vergruisde roaming tarieven eindelijk werden afgeschaft binnen de Europese Unie en nog enkele andere landen (voor ingewijden de Rip of Surchages)

Europa en zijn ambtenaren mogen zich terecht een pluim op de hoed steken, ook al heeft het nog enkele jaren te lang geduurd door het succesvolle lobby werk van een aantal operatoren. Door de explosie van gebruik van data heeft men zich uiteindelijk toch neergelegd bij deze maatregel, want men denkt een nieuwe marge bron te hebben gevonden.

Paradoxaal genoeg kunnen ze wel eens gelijk krijgen, daar de vraag naar bytes jaarlijks meer dan verdubbelt door onze wens om constant op onze slimme telefoon naar filmpjes te willen kijken. Deze hersenloze activiteit vreet nu eenmaal data en zo zitten we allemaal op de eerste rij als er weer eens iets gebeurd in Verwegiestan.

Maar dit voyeurisme komt met een prijs, iedere doorsnee Google sessie (20 minuten+) verbruikt zoveel als een ketel water tot kook te brengen en hier wringt dan ook het schoentje. In tijden waar iedereen eendrachtig roept dat wij in tegenstelling tot dhr. Trump het klimaatakkoord van Parijs wel even zullen bereiken, is het goedkoop maken van instant online kennis in tegenspraak.

Beslissingen kunnen met de beste intenties worden genomen, maar kunnen ook de meest verschrikkelijke gevolgen kennen. Het stimuleren van consumptie zit in de kern / het bloed van ons economisch model. Het willen van meer is niet te stoppen, en zo wordt onze byte dus steeds goedkoper, maar verbruiken we jaarlijks ook steeds meer.

Dat een aantal studies allang hebben aangetoond dat het online kijken jonge kinderen dom maakt en afstompt is geen reden, maar wel een aandachtspunt. Erger nog is het feit dat men niet lijkt te snappen waar energie efficientie om lijkt te gaan. Het gaat om zuiniger omspringen met de middelen van de aarde en dat begint natuurlijk bij onszelf. Nu hou ik er niet van om met vingertjes te wijzen en dus dienen we in oplossingen te blijven denken.

Bewust maken is al één ding en het zou de overheid sieren mochten ze duidelijk maken hoeveel energie er nodig is voor wat, zodat mensen minstens weten wat hun verantwoordelijkheid is en wat ze er zelf kunnen aan doen.

Afgelopen donderdag was ik in Amsterdam op een namiddag georganiseerd door Energiea (dagelijkse nieuwsbrief van het FD) waar onder andere Dhr. Nijpels kwam uitleggen waar Nederland met het energiebeleid, en dan vooral met de verduurzaming ervan, toe gaat. Er was ook nog een korte speech van een directeur van een groot energiebedrijf die mij enigszins naast de kwestie leek te praten. In plaats van concrete voorstellen over het bijvoorbeeld sluiten van de kolencentrales die massaal veel broeikasgassen uitstoten, had hij het over de oneerlijke verdeling van de kosten tussen burgers en bedrijven en dan vooral de industrie. Een aantal beloftevolle jonge bedrijven mocht in een korte presentatie hun dienst of product toelichten, en dit was bij verre het meest interessante van de namiddag. De afsluitende presentatie van Remco De Boer zette iedereen weer netjes met de voeten op de grond door te stellen dat we helemaal niet richting Parijs aan het gaan zijn.

Een zeer correcte analyse, maar ik vrees dat hij een roepende in de woestijn is en dat er niet echt niemand luistert in Den Haag. Dit laatste is ook lastig, want er is nog geen nieuwe regering en de bestaande regeert vooral naar de waan van de dag. Het aanstellen van een Belgische informateur, in het geval de formatie over het jaar heen gaat, lijkt een goed idee gezien wij in België ruime expertise hebben in het opzetten van onmogelijke coalities met een oneindig geduld (België is toch niet voor niets wereldkampioen regeringsvormen). Indien men toch zou kiezen voor een minderheidskabinet dan zal naar ik vrees de haalbaarheid van het klimaatakkoord van Parijs niet direct dichterbij komen.

Natuurlijk kan men terzake de oneerlijke verdeling van kosten altijd een debat voeren over wie de factuur moet betalen voor de verduurzaming van onze energiehuishouding, maar uiteindelijk zijn we een eenheid. De industrie is geen apart beest, maar is daar om voor ons te produceren, om winst te maken en zo welvaart te creëren.

Ach we weten het allemaal eigenlijk wel, we moeten vooral veel minder gaan produceren en consumeren, want dat is de echte weg naar een duurzame samenleving waar minder schadelijke stoffen de lucht worden uitgestoten. De hete brij wordt in debatten vaak zorgvuldig vermeden en men presenteert vooral technische oplossingen die inderdaad ons energieverbruik zullen gaan vergroenen. Als we echter op het huidige niveau producten blijven produceren dan is wat wij in onze sector doen een maat voor niets.

Dit is geen discussie die onze sector zelf of alleen kan voeren, vermits wij gewoon de energie beschikbaar maken die anderen nodig hebben. Dat de discussie maatschappelijk al wordt gevoerd en alleen maar in belang gaat toenemen is 100% zeker. Goede nieuws is dat we door een echte verduurzaming van de economie, in combinatie met een beperking van de bevolkingsgroei onze voetafdruk zeker naar een aanvaardbaar niveau zouden moeten kunnen krijgen voor het einde van deze eeuw.

Federaal Minister schiet zichzelf in de voet

Ondanks de relatieve schaalgrootte van ons mooie landje gebeurt er iedere week wel iets in onze sector, zelfs als er geen nieuws te melden is wordt er gewoon nieuws gemaakt. Zo ook vorige week waar Minister Marghem een “gerucht” de wereld in stuurde dat België toch maar beter opnieuw met Europa zou gaan praten want de objectieven van 2030 waren toch te streng.

Dat we tegen 2030 minstens 35% CO2 reductie moeten bewerkstelligen is inderdaad aan het huidig tempo en visie een huzarenstukje. Als je maar lang genoeg geen visie met stappenplan ontwikkelt kom je vanzelf tot deze conclusie. Dat de timing ongelukkig was gekozen nog maar één week nadat de premier van België dhr. Trump had verketterd door weg te lopen van het klimaat akkoord van Parijs was wellicht niet zo handig.

Eerder daarom viel de verzamelde pers over haar en al snel werd ze terug gefloten door de premier en werd al snel een slachtoffer gezocht en gevonden. De woordvoerster had een communicatie foutje gemaakt, neem aan de nieuwe want de vorige woordvoerster is zelf al vertrokken wegens te veel duiventil op dit kabinet. De leegloop van dit kabinet kent geen grenzen en wijst ook wel enigszins op een probleem.

Het is niet de eerste keer dat onze sector gedurende een volledige legislatuur ter plaatse blijft trappelen en in de laatste vijftien jaar hebben alleen Olivier Deleuze en in enige mate Dhr. Wathelet echt zaken in beweging gebracht en is het palmares aan verwezenlijkingen van alle anderen zo goed als onbestaande.

Belangrijker is echter of de golf van spontane woede en ontgoocheling in Europa over het terugtrekken van Amerika uit het klimaatakkoord landen ertoe kan bewegen om met echte concrete vergaande maatregelen te komen die het klimaatakkoord tanden gaat geven.

Terugkomend op de zoveelste communicatiefout van de federale minister voor energie gaat men wel voorbij aan het feit dat ze eigenlijk wel een punt heeft want dat België en dus ook de gewesten met de huidige snelheid op geen enkele wijze de doelstellingen van 2030 gaat halen. Om nog maar te zwijgen van de 2020 doelstellingen. Dat sommige regionale ministers de suggestie geven dat als de nood hoog wordt we nog altijd groen kunnen kopen in het buitenland dan bewijst dit het zwaktebod.

Aan mij werd gevraagd of we de CO2besparing nog gaan halen en ik kon alleen maar reageren dat dit heel wat cijferwerk behelst, maar dat op dit ogenblik niemand nog projecten gaat ontwikkelen in België van enige schaal. De vele goede consultants die wij ook in Vlaanderen hebben werken oftewel in Nederland of in andere landen om zo toch maar een stabielere werkomgeving te bouwen. Allemaal bevestigen ze mij dat er in België en de regio’s momenteel geen interesse is om projecten te ontwikkelen gezien eenvoudig weg de markt niet aantrekkelijk is.

Wat de diverse overheden niet schijnen te begrijpen is dat dit status quo alleen goed is voor de historische partijen en dan vooral degene met kerncentrales of trekrechten erop. Het is nu zo goed als 100% dat we binnen enkele jaren opnieuw zullen besluiten om de kerncentrales open te houden als ik kijk naar de het laatste half jaar en het totaal gebrek aan nieuwe investeringen.

Begin december 2016 nam ik nog deel aan een debat in een afgeladen volle zaal en toen schudde ik iedereen wakker door te zeggen dat onze kerncentrales nog veel langer zullen openblijven en lachte men wat nerveus.

Nu een half jaar later waarin geen enkele vooruitgang is geboekt op het vlak van visie en vooral concrete keuzes met middelen kunnen de eigenaren van de kerncentrales zich opmaken voor het verzoek in 2019 na de vorming van een nieuwe regering. Dit zal de zin om nieuwe investeringen te gaan doen nog verder doen afkalven ook al moet ik ook zeggen dat het nooit te laat is.

De kracht van verandering die bij deze federale regering normaal gezien zou moeten aanwezig zijn ontbreekt volledig als het aankomt op ons dossier. Aanmodderen is nog het beste woord ook, het is geen toeval dat een gigant als ENI na nog geen vijf jaar de handdoek in de ring gooide (ze hebben in 2012 Distrigas en Nuon gekocht) en dat Lampiris inmiddels ook van eigenaar is veranderd.

En toch zijn er nog mogelijkheden en tijd om vooruitgang te boeken, maar de kans wordt met de dag kleiner dat tijdens deze regering er nog echte keuzes gaan gemaakt worden. Zelf focussen wij ons bijna volledig nu op Nederland dat duidelijke marsorders heeft gegeven om achterstand om te buigen. Natuurlijk blijven we vinger aan de pols houden in het geval er in België terug marktmogelijkheden zijn.

Trump “jumps” in het onbekende en sleurt klimaatakkoord van Parijs mee.

Het nieuws van vorige week was zoals verwacht de lang verwachte aankondiging van de Amerikaanse president om zich terug te trekken uit dit akkoord. Niet zozeer om inhoudelijke redenen, maar het was één van zijn verkiezingsbeloften en het was de vorige president Obama die dit akkoord mee goedgekeurd had.

Dat Amerika nu al terugtreedt is paradoxaal genoeg op korte termijn wellicht goed nieuws want net zoals met de Britten in Europa kun je beter iemand kwijt zijn die niet echt mee wilt want anders zit je constant in de vechtzone. Het is natuurlijk wel triest dat één van de gidslanden (of dat zou het toch moeten zijn) en de tweede grootste vervuiler van de wereld zich vooral diplomatiek gaat isoleren.

Trouwens dat van die tweede grootste vervuiler is helemaal foutief want Amerika staat helemaal bovenaan qua energieverbruik per hoofd van de bevolking en dat maakt het des te erger.

Zoals gezegd kan het vertrek van de huidige Amerikanen ook iets goed veroorzaken, het kan de anderen gaan verbinden en niet alleen op klimaatvlak. Het huidig akkoord is gewoon niet sterk genoeg en het gaat ook niet ver genoeg. De drive is nu groot van landen als China, India en Europa om echt te proberen het akkoord verder uit te diepen.

Het gebrek aan een stok om te slaan in dit akkoord en de vrijblijvendheid waarmee men kan vertrekken zegt alles, het is een optie akkoord vol goede intenties, maar veel meer is het ook niet.

Belangrijker dan het geblat van dhr. Trump zijn de tendensen in de nog jonge duurzame markt waar nog steeds vooruitgang wordt geboekt in technologie. Vorige week was ik een dag bij de beurs Intersolar in München en vielen mij toch enkele zaken op. Eén van de opvallende nieuwkomers waren toch de vele batterij fabrikanten die allemaal hopen om een graantje mee te gaan pikken van de mogelijk toekomstige markt voor lokale kleinschalige opslag in combinatie met zonnepanelen.

Een hele zaal vol aanbieders van allerlei vormen van batterijen lijkt me vandaag wellicht nog wat veel van het goede gezien er geen enkel financiële onderbouwing is van dergelijke investeringen en nog veel minder aangepaste regelgeving om dit mogelijk te maken. Nochtans is het al een tijdje duidelijk dat de ingeslagen weg van meer zon en wind onmogelijk is zonder aanpassingen aan de manier waarop wij elektriciteit gebruiken en vooral gebruiken wanneer we het nodig hebben.

Het is natuurlijk mooi dat om 12:00u ‘s middags onze panelen veel opbrengen alleen is er dan geen verbruik in het huis gezien er niemand thuis is (lees veel minder verbruik).

Een andere evolutie in de zonnepanelen markt is het streven naar integratie in het dak zodat we verlost zijn van de vele lelijke daken waar nu lukraak panelen worden opgelegd. Dakpannen met zonnecellen geïntegreerd waren talrijk aanwezig en worden ook steeds competitiever en al zeker als je nieuw legt of je dak dient te vervangen. De overheid kan de komende jaren verplichten om te werken met deze geïntegreerde oplossingen zodat ons landschap en vooral het uitzicht zoveel mogelijk wordt beschermd.

Wat ook opviel was de overname van deze markt door de Chinezen en alleen maar Chinezen. Er zullen zeker nog andere fabrikanten zijn alleen gingen ze verloren in de zee van Chinese namen. Ook stonden er een beperkt aantal Belgische bedrijven waaronder jonge belofte bedrijven zoals enkele ondernemers uit Hasselt die samen met Imec een PID doos hebben ontwikkeld die degredatie tegengaat voor die panelen die last hebben van PID. Dat is kort gezegd het probleem van panelen die overdag elektriciteit opslaan en op één of andere mysterieuze manier moeilijkheden ondervinden om te ontladen waardoor de efficientie naar beneden gaat.

Wij hadden ook zo’n groot park dat er last van heeft en met deze technologie is het euvel zo goed als direct opgelost.

Verder ook nog enkele fondsen gesproken die interesse hebben om ons te ondersteunen in ons nieuw initiatief in onder andere Nederland om nog meer focus te leggen op de ontwikkeling van zon (en wind). Je ziet dat ook steeds meer installateurs van zonnepanelen ook parken gaan ontwikkelen om zo minder afhankelijk te zijn van de grillen van de markt en onderhevig aan concurrentie op de prijs. Hetzelfde geldt trouwens ook andersom gezien de marges flinterdun zijn om parken te kunnen ontwikkelen en overheden zeer scherp rekenen.

Ondertussen komen we steeds meer tot de conclusie dat er momenteel in België weinig valt te ontwikkelen en staan deze activiteiten dan ook op een heel laag pitje. Buiten nog wat windparken wacht iedereen op wat komen gaat en is het af te wachten of men in de Wetstraat begrijpt dat wij als land niet meer aantrekkelijk zijn om investeringen in duurzame energie te gaan ontwikkelen. Wellicht een uitzondering voor wind op zee, maar ook daar wachten de ontwikkelaars bang af of de overheid durft ingrijpen gezien de huidige tendens dat wind op zee gratis kan gebouwd worden of lees zonder subsidie.

Klimaat op de agenda of niet?

Dat er deze dagen weer veel over het klimaat wordt gepraat heeft wellicht in de eerste plaats met het mooie weer te maken waarvan wij nu aan het genieten zijn en in mindere mate met de G7 top in Toarmina op Sicilië.

Dat de zeven rijkste landen onder andere klimaat op de agenda hebben staan is zeker positief te noemen gezien de hoogdringendheid van het onderwerp en vooral de acties die erop moeten volgen. Het is jammer dat de ogen wederom gericht zijn op de Verenigde Staten en dan vooral zijn flamboyante afgevaardige zijnde Dhr. Trump.

Dat hij geen kleur wilt bekennen of beter gezegd gewoon niet wilt zeggen wat hij denkt is wellicht eerder te danken aan het feit dat hij zich diplomatiek probeert te gedragen en hij zorgvuldig het juiste moment afwacht om uit het klimaatakkoord te stappen.

De regeringsleiders van Europa vertalen zijn zwijgen als positief alleen lijkt me dat vrij naïef, want de beste man heeft tot nu toe steeds geprobeerd om uit te voeren wat hij tijdens de verkiezingscampagne heeft gezegd. Vooral in eigen land heeft hij het moeilijk om zijn “beleid” van oneliners uit te voeren en minstens zoveel binnen zijn eigen partij als er buiten.

De gebroken werkweek(donderdag feestdag) zorgt ook voor extra aandacht gezien mensen nu ook de tijd hebben om het nieuws te zien en erover te praten, filosoferen en mogelijke gevolgen te bekijken van de weg voorwaarts in onze sector.Op zich staan er al veel goede intenties op papier en ongeacht de politieke kleur wilt iedereen de omslag maken naar een duurzame energiehuishouding.

Alleen de prijs die we gaan betalen is nog niet duidelijk naar boven gekomen en het is ook zeer twijfelachtig dat men deze gaat accepteren. Buiten het puur financiële aspect van de nodige investeringen vergt het vooral een nieuwe industriële revolutie die ook voelbaar zal zijn in de manier waarop wij leven.

De afgrond van onze huidige consumptiemaatschappij komt steeds dichterbij ook al versnellen we nog steeds het consumptiegedrag. De noodzaak voor de groei van de overheidsbegroting is zo groot gezien de behoeften (lees begrotingstekorten wegwerken, geld in oorlog, pensioenen, infrastructuurinvesteringen, vergrijzingskost, etc.) dat men de economie blijft aanjagen met goedkoop geld (vanuit ECB) om toch maar enige groei te houden en zo ieder jaar meer geld binnen te krijgen.

Ondertussen worden grote statements gemaakt over gratis windmolenparken op zee en aan de andere kant proberen de ontwikkelaars van deze parken het hoofd recht te houden en hopen zij dat de storm gaat leggen. Zeer onwaarschijnlijk overigens want er blijven partijen in de markt Russische roulette spelen doordat ze zon- en windparken bouwen ver onder de kostprijs hopende op een toekomstige stijging van de stroombeurzen.

Het zal de energiebedrijven in moeilijkheden nog verder neerwaarts duwen daar hun hoop om nieuwe verdienmodellen te vinden in de duurzame sector nu als sneeuw voor de zon verdwijnt. Of het Shell was die in Nederland (Borssele wind) zwaar onder kostprijs heeft geboden om zo toch maar een start te maken aan zijn verduurzaming (of toch imago) of Dong die ook een vlucht voorwaarts lijken te nemen het blijft afwachten wat het effect ervan zal zijn. Op zich kan de strategie van Shell en Dong ook werken indien de investering zelf hiermee gelijktijdig gaat dalen en hun verdienste is dan ook dat we uiteindelijk wellicht sneller terug naar de normale marktwerking kunnen gaan.

Geproduceerde elektriciteit verkopen uit zon en wind op de stroombeurzen aan voldoende hoge tarieven zodat de subsidie volledig achterwege kan blijven. Vele critici roepen al lang moord en brand over de zogenaamde onterechte subsidies voor de duurzame sector en alleen hiervoor zal het goed nieuws zijn. Wel heb ik hier een aantal serieuze kanttekeningen bij daar ook de fossiele sector (en kernenergie) mag rekenen op uitgebreide steun (politiek of financieel). Over Hickley Point is al genoeg geschreven, maar de 35 jaar subsidie die al nodig is om deze nieuwe kerncentrales te kunnen bouwen spreekt voor zichzelf. Het is jammer dat we de meeste critici dan ineens niet meer horen. Ook voor olie wordt al decennia lang oorlog gevoerd op vele fronten om het zwarte goud toch maar te laten vloeien in onze richting.

De ontelbare doden, vervuiling en omkoping zijn ook al lang schering en inslag in deze sector waar de grootste olievoorraden dan ook nog eens in handen zijn van dictatoriale regimes waar wij massaal geld naar pompen. Alleen hiervoor zou men een omslag moeten voor willen maken, alleen gebeurt dit best wel in kleine stappen. Olie gaan we nog heel lang nodig hebben, alleen moeten we zo snel mogelijk stoppen om deze in verbrandingsmotoren te gebruiken en er meer zinnige dingen mee doen die meer waarde creëren.

Samen sterk

Dat Vlamingen graag hun dingen zelf regelen wordt vaak bevestigd in cliches en natuurlijk is er ook een grond van waarheid in deze stelling. Vooral in onze bouwgewoonten komt deze eigenschap extreem naar buiten gezien onze spreekwoordelijke baksteen in de maag. De eindeloze lintbebouwingen met individuele huizen wijzen ons jammer genoeg niet in de richting van de toekomst.

Dat een groot deel van de bevolking tegen 2040 in een stad woont lijkt jaar na jaar meer bewaarheid te worden ook al is het voorspellen van de toekomst zeker geen exacte wetenschap. Vanuit energetisch oogpunt en efficientie zijn er zeker grote voordelen om dicht bij elkaar te gaan wonen. Dat brengt wel direct een probleem met zich mee dat mensen die in steden wonen niet voor hun eigen energieproductie gaan zorgen. Op zich hoeft dat ook helemaal niet want de waarheid ligt zoals vaak in het midden.

Ook in energieproductie geldt dat schaalgrootte helpt om efficientie voordelen te bereiken dus iedereen eigen producent is wellicht de wens van betrokken partijen die dan materiaal kunnen leveren, maar voor een samenleving verre van de ideale oplossing.

Hetzelfde geldt op dit ogenblik voor die bedrijven die moord en brand roepen dat offshore wind de oplossing is, ook hier ligt de waarheid in het midden en zelfs meer naar de andere kant. Offshore wind is een schakel in een toekomstige energiehuishouding, maar niet meer dan dat. Er kunnen zeker landen en regio’s zijn die meer uit wind op zee zullen halen dan anderen, maar het verkopen als het Eureka moment is er ver over.

Net zoals het megalomane idee van enige jaren geleden om alle zonnepanelen in de Sahel te gaan zetten en zo elektriciteit over grote afstanden te gaan vervoeren. Theoretisch perfect mogelijk alleen praktisch perfect onwenselijk. Ook bij ons roepen velen in slogans, elektrisch autorijden is ineens de totaal oplossing terwijl men er niet bij zegt dat dit vandaag onmogelijk is en zelfs niet wenselijk. Onze spreekwoordelijke eieren in één mand leggen is ziek blijven in hetzelfde bedje. Onze fossiele verslaving vervangen door een lithium verslaving bijvoorbeeld is de weg naar nog meer miserie.

Dat neemt niet weg dat al deze technologieën een deeltje van de puzzel zijn. Ook vanuit de politiek roept men vrolijk mee want ineens is wind op zee gratis geworden, fantastisch toch, maar gelooft u dit nu echt? Natuurlijk zijn er schaalvoordelen en zoals iedereen hoop ik ook dat windmolens dezelfde weg op gaan als zonnepanelen qua prijs alleen is de euforie veel te voorbarig.

De consessies die in Duitsland nu gratis zijn weggegeven zonder subsidie hebben in de details van hun contract genoeg ontsnappingsmogelijkheden waardoor het verre van zeker is dat deze parken er ooit gaan komen. Als de elektriciteitsprijs tegen 2023 niet fors is gestegen (lees het dubbel minstens) dan zal men deze concessies gewoon niet uitvoeren en de boete van 60 miljoen euro betalen.

De paradox is zelfs dat dit huidige goede nieuws ervoor kan zorgen dat we grote vertraging gaan oplopen in wind op zee want iedereen denkt ineens het licht gezien te hebben. Wij in Vlaanderen/België zouden beter moeten weten, gratis bestaat niet, niet zoals bussen draaien windmolens niet op liefde.

Erger is nog dat beleidskeuzes kunnen wijzigen door deze euforie, bijvoorbeeld lopen we het risico dat men de moeilijke zoektocht naar goede locaties op land voor wind gaat laten voor wat het is en alles op zee gaat concentreren. De industrie die betrokken is bij het bouwen van windmolens op zee zal dit zeker stimuleren alleen weet ik niet of ze nu zo blij moeten zijn met dergelijke tendens want de risico’s nemen ook toe.

Ondertussen zorgt onze sector in ieder geval wel voor een gevoel van solidariteit, maar liefst een kwart miljoen gezinnen kopen samen energie aan. Dat dit vooral komt uit gemakzucht wordt er wel bijgezegd want zelf zoeken naar de beste leverancier vergt enige inspanning. Ook al hebben we al jaar en dag de uitstekende online tool van de VREG genaamd de V-test. Het blijft positief dat de gezinnen wakker zijn, alleen dat constante hameren op de prijs heeft zo zijn gevolgen voor de waardering voor het product. De wil om er meer voor te betalen is niet groot en de klaagmuur is nooit ver weg.

De fusie tussen Eandis en Infrax wordt dan ook vooral verkocht met het argument dat onze factuur erdoor gaat zakken en dat is weer meer van de zelfde perceptie, prijs, prijs, prijs. Overigens nodig ik u uit om na de fusie even met mij uit te rekenen hoe groot de besparing zal zijn. Deze zal volledig teniet gedaan worden door de verwachte investeringen die nodig zijn om ons net slim te maken en vooral klaar voor de toekomst waar sommige zeggen dat we al onze wagens even aan de stekker gaan hangen. De “Internet of Things” zal hard nodig zijn om nog maar een deel van deze droom werkelijkheid te kunnen maken.

België gaat op avontuur

Het nieuws van de week was toch wel het voornemen van de staatssecretaris van de Noordzee Dhr. De Backer die binnen de federale regering het plan wilt voorleggen om de drie laatste concessies die reeds vergeven zijn te schrappen.

Niemand kan verrast zijn door deze evolutie want de laatste tien maanden is het speelveld bij de windmolenparken op zee danig aan het veranderen. De “race to the bottom” werd ingezet door Dong vervolgens door Shell en de laatste knaller kwam uit Duitsland waar enkele parken zonder subsidie zijn vergeven.

Het is mij niet duidelijk wat de sector er mee denkt te bereiken want investeringen zonder inkomsten lijken me op het eerste zicht waanzinnig dom. Gezien al deze bedrijven uitgerust zijn met ervaren en slimme mensen kunnen we aannemen dat deze koerswijziging het resultaat is van een doordachte strategie.

Niet zoals ook al in media wordt omschreven omdat men alleen of hoofdzakelijk anticipeert op drastische kostendalingen, natuurlijk zijn er schaalvoordelen en kan men de onderhoudskosten zo optimaliseren, maar wat met de investeringen? Deze worden wel lager per MW vermits de molens groter worden, maar de wens om zonder subsidie te bouwen is in ieder geval niet te rechtvaardigen door drastisch lagere investeringskosten.

Sterker nog, zaken zoals funderingen zijn nog wel goedkoper mogelijk door ervaring, maar funderingen in de bouwsector zijn nu ook niet direct met 100% gezakt. Integendeel, bouwen wordt steeds duurder. De argumentatie dat zonnepanelen ook drastisch gezakt zijn in prijs dus zal dit ook al wel met alle andere technologie gebeuren raakt kant noch wal.

Mijn inkt van een artikel in de Tijd vorige week over Langerlo is nog niet droog of we krijgen nu weer een moment van verstoring in de reeds zwaar aangetaste sector van energie. De reden van de staatssecretaris is op zich goed te rechtvaardigen alleen lijkt me het vervolgplan nog niet echt doordacht. Het is zeker meer als een ballon oplaten alleen zou het verhaal beter gediend geweest zijn als men eerst binnen de regering deze beslissing had genomen om dan vervolgens eerst met een uitgewerkt plan van aanpak te komen.

De sector verdient een andere aanpak dan deze waar je bij het vuil wordt gezet en afgeschilderd als poenpakkers. De waarheid is volledig anders. Dat een bedrijf als Deme reageert is zeer begrijpelijk ook al dient zij te begrijpen dat zij niet van twee walletjes kan eten. Dat ze functioneren als onderaannemer om palen te plaatsen op zee is zeer nuttig en deze kennis kunnen ze dan vervolgens over de hele wereld benutten. Mee investeren in de parken zelf lijkt me echter geen goed signaal want zo doe je aan belangenvermening.

Dat de gemaakte kosten dienen vergoed te worden staat wat mij betreft als een paal boven water, maar dat is nog iets anders dan een boete of schadeloosstelling. Dit is niet nodig vermits de exacte hoogte van de subsidie nog niet eens gekend was en dit nu eenmaal een belangrijke (lees één van de belangrijke) parameters zijn om een rendement te kunnen berekenen.

Verder zijn de euforische berichten in de media dat na de biomassa centrales nu ook de vele miljarden ondersteuning voor windparken op zee verdwijnen zeer misplaatst en veel te voorbarig. De kans is heel groot dat we voor 2025 steen en been lopen te klagen over onze energievoorziening wegens onbetaalbaar of nog erger niet meer zeker. Infrastructuur projecten zoals onze energiehuishouding vergen enorme investeringen en zoals alle infrastructuur projecten zullen deze gedragen moeten worden door de ganse samenleving. Of het nu wegeninfrastructuur is, openbare zaken zoals de spoorwegen, we gaan als gemeenschap deze nutsvoorzieningen moeten financieren.

Het argument dat de duurzame sector ook moet kunnen leven zonder subsidie is helemaal correct, alleen niet realistisch vandaag. Datzelfde geldt trouwens al honderd jaar ook voor de fossiele sector of vijftig jaar met kernenergie, allemaal sectoren die honderden miljarden steun krijgen sinds decennia.

De duurzame sector kan inderdaad zonder subsidie, maar dan moeten we de uitstoot echt gaan belasten voor alles en iedereen, als de prijs tussen de 150 en 180 dollar per ton CO2 staat zal de duurzame sector zowat als enige nog zeer performant zijn, maar onze kiwi wordt onbetaalbaar. Of wat dacht u van onze garnaaltjes die ‘s morgens per vliegtuig naar Marokko gaan om gepeld te worden?

Ondertussen blijft dit stop en go beleid nefast voor een goed investeringsklimaat ondanks de correcte actie nu van de staatsecretaris om de “best practices” van het buitenland over te nemen en te gaan veilen. Dit echter doen zonder een lange termijn energiebeleid dat is uitgewerkt, blijft spelen met vuur. Het blijft wachten op dit plan en de kans is dan ook heel groot dat de leeuw een muis gaat baren. Ondertussen komt minister Marghem toevallig met een andere ballon, waarom de burgers niet mee laten participeren in de windmolenparken op zee? Op zich een goed idee maar, parken die vandaag alleen gaan leven van stroombeurs prijzen zonder subsidie zijn ten dode opgeschreven. Sterker nog, deze gaan nooit gebouwd worden. Geen toeval trouwens dat de concessies in Duitsland spreken van bouwen tegen 2025, ver genoeg weg om nog altijd te beslissen om ze niet te bouwen wegens niet rendabel (als de stroombeurzen geen forse stijging gaan laten zien).

Duurzame sector schiet in alle richtingen, maar gaat vooruit

Dat er in Europa gezamelijke doelstellingen zijn afgesproken om tegen 2020 en 2030 een groter aandeel van duurzame energie te bekomen is door iedereen wel min of meer geweten. Datzelfde geldt trouwens voor energie efficientie en de vermindering van CO2 uitstoot.

Vooral de laatste twee blijken een taai beestje te zijn, omdat zij ingrijpen in onze bestaande infrastructuur. Dat er dankzij overheidsondersteuning goede vooruitgang wordt geboekt op het vlak van elektriciteitsproductie is dan ook vooral omdat het hier gaat om nieuwbouw vaak (of ombouw) en de weerstand van bestaande infrastructuur niet in de weg zit.

Dat de CO2 uitstoot de laatste jaren is afgevlakt mag dan al positief zijn, het probleem is dat hij nog steeds op recordhoogten staat. De symtomen van de opwarming duiken steeds duidelijker op en dan vooral op extreme plaatsen. Of het nu in Spitsbergen is waar het permafrost begint te ontdooien en mensen letterlijk door hun huis zakken of het grote Barriere rif in Australië dat in record tempo aan het afsterven is, de signalen zijn overduidelijk.

Dat mensen bezorgd zijn door de talloze populisten die de macht grijpen zoals dhr. Trump die hun super bommen niet aarzelen te gebruiken de verandering van ons klimaat is vele malen ingrijpender dan dit soort figuren. De lange termijn effecten werken veel langer door en zijn ook quasi onomkeerbaar. De wereld die wij gaan achterlaten voor komende generaties zal unieke uitdagingen kennen die de mensheid nog nooit heeft gekend gezien zijn jonge leeftijd. Maar dat is een onderwerp voor anderen.

Ondertussen gebeuren er in onze sector ook opvallende zaken, het opdoeken van de centrale van Langerlo gaat nog niet zonder slag of stoot en de huidige manager en zijn Letse aandeelhouder doen nog een ultieme poging om te redden wat er te redden valt. Het streven is trouwens nobel want de site heeft zeker een toegevoegde waarde. Alleen vrees ik dat de wind verkeerd staat en dat ieder wanhoopsidee gedoemd is om te mislukken gezien de wil in Brussel niet meer aanwezig is om met de huidige eigenaar verder te gaan.

Nu was het nieuws vorig jaar van de overname van de oude Eon centrale ook wel opvallend, eerst German Pallets dat ook al op omvallen stond en daarna nog een onbekendere partij uit Estland. De financiële draagkracht van dit soort partijen is gewoonweg veel te klein om zo’n grote oude kolencentrale om te bouwen en vooral het risico is veel te groot. Zelfs de grootste energiebedrijven in Europa wagen zich bijna nooit aan grote houtverbranders met uitzondering recent in Nederland.

Nu grijpt men het Nederlands voorbeeld aan om te zeggen dat het wel kan, maar hier gaat men toch wel heel kort door de bocht gezien deze centrale niet volledig worden omgebouwd, maar nog steeds ook kolen blijven verbranden. Dat de Nederlandse overheid dergelijke lapmiddelen gebruikt om toch maar zijn doelstelling te halen tegen 2020 is vooral te wijten aan het feit dat men achterloopt op zijn doelstellingen. De miljarden die letterlijk door de schoorsteen worden verbrand aan hout hebben geen enkel lange termijn voordeel, in tegendeel. Men pompt nog meer CO2 de lucht in, maar gezien de huidige lage prijs voor CO2 per ton een verwaarloosbare factor.

Vlaanderen en trouwens de meeste landen nemen bewust afstand van dergelijke praktijken en terecht. Alleen moeten we ook kijken wat Nederland wel goed doet en dat is ook bemoedigend. Een duidelijk doel gesteund met de nodige middelen resulteert in een duidelijke uitbouw van vele zon- en windparken. De succesvolle veiling van windmolens op zee heeft heel de wereld met verstomming geslagen en wie weet wat er nog komt.

De meest recente opvallende winnaar in het rijtje van windmolenparken op zee is ENBW in Duitsland dat een vergunning heeft gewonnen zonder 1 euro subsidie te vragen. Deze gewaagde zet is gebaseerd op andere aannamen voor de toekomst. Men gokt volledig op het feit dat de elektriciteitsprijs op de stroombeurzen tegen 2025 fors gaat stijgen en dat de kosten om wind uit te baten op zee nog gaan dalen. De kans dat dit gebeurt is trouwens zeer reëel gezien de toekomstige tekorten aan grootschalige productie, alleen blijft het gokken.

Deze bedrijven gaan zich in de schulden steken en de banken gaan onderpanden eisen gezien de subsidie onbestaande is. Voor een bank is het gewoonweg onmogelijk om op een veronderstelling van hogere stroombeursprijzen een lening te geven. Toch is het positief dat dit gebeurt zodat overheden begrijpen dat men volluit kan en moet kiezen voor duurzaam en dat dit ook de goedkoopste weg is. De decennia lange subsidie stroom voor fossiele brandstoffen heeft vele honderden miljarden gekost om nog maar niet te spreken van de milieukost (en gezondheid) die nog gaat komen. Kernenergie heeft nog steeds subsidie nodig ook al bestaat zij al meer dan vijftig jaar.

We mogen blij zijn dat bedrijven als ENBW in Duitsland hun nek uitsteken en dit grote risico nemen alleen is het af te wachten of men niet te snel conclusies gaat nemen aan dergelijke stunten. Als overheden nu te snel hun beleid weer gaan aanpassen dreigen we de groei wel eens te laten stoppen in plaats van te versnellen. Wind en zon kunnen op termijn wellicht leven van de stroombeursprijs (als deze boven de 70 euro per MWh gaat), maar dan niet zonder korte en lange termijn opslag.

De overheden dienen te begrijpen dat zonder nieuwe infrastructuur, zoals we ook na de oorlog hebben uitgebouwd voor bijvoorbeeld onze havens en wegeninfrastructuur, de duurzame uitbouw voor een deel een dode letter zal blijven. De uitstoot van CO2 is bij wijze van spreken nog geen ton gedaald en dat bewijst dat er nog bouwblokken ontbreken, maar ook een grote gedragsverandering van iedereen zal nodig zijn om ervoor te zorgen dat de komende generaties ook nog in normale omstandigheden kunnen leven.

Dood van Langerlo biedt kans voor nieuw perspectief

De kroniek van een al lang aangekondigde dood leek het wel, niemand is echt verrast dat de ombouw van de voormalige kolencentrale tot houtverbrander niet doorgaat.

Dat na het biomassa project in Gent nu ook Genk begraven wordt is nog maar het topje van de ijsberg. Achter de schermen worden er nog talloze meer projecten afgevoerd wegens niet meer haalbaar of gebrek aan ondersteuning. Of het definitieve doek echt gevallen is voor Langerlo is af te wachten, maar wie nog interesse heeft zal heel snel moeten gaan en veel slagkracht moeten bezitten. De boodschap echter naar het buitenland toe is er één van: ‘blijf weg’, want het niet geven van uitstel is een duidelijk signaal.

Wat gaat er nu gebeuren voor deze site in Genk, die in de basis buitengewoon geschikt is om andere energieprojecten te bouwen? Hetgeen me nog de meeste zorgen baart is dat onze overheid zelfs nog geen suggesties durft te doen voor deze site. Zoveel sites hebben we niet waar zowel de schaalgrootte, waterwegen, personeel en aansluiting op het hoogspanningsnet van Elia aanwezig is.

Nu we (terecht) houtverbranding naar de geschiedenis hebben verbannen zou het van visie getuigen om te durven kiezen voor de uitbouw van een technologie van de toekomst op deze historische site. Waarom kan men in Duitsland wel een grootschalige opslag uitbouwen en wij niet? Waarom zouden we bijvoorbeeld rond Genk geen groene waterstofindustrie op gang brengen of in ieder geval met een grootschalig proefproject als overheid aantonen dat wij kiezen en vooral durven kiezen voor een toekomst en aantonen dat we wel een visie durven ontwikkelen?

Natuurlijk is het positief dat er vorig jaar meer dan 2000 Vlaamse gezinnen hebben gekozen voor een warmtepomp en is het goed dat er al 27.000 gezinnen één hebben, alleen is de weg nog lang en zijn er alleen al in Vlaanderen 2,6 miljoen gezinnen.

Aan dit tempo zijn we nog meer dan 100 jaar bezig, dit door obstakels zoals het distributietarief op elektriciteit dat gebaseerd is op verbruik en niet op vermogen zodat duurzame vormen van energie zoals warmtepompen nog steeds zwaar worden afgestraft.

Voor Vlaanderen zou het een prioriteit moeten zijn om een site als Langerlo te gebruiken voor de ontwikkeling van een nieuwe toekomstgerichte visie. Het zou getuigen van slagkracht als Vlaanderen durft te kiezen voor een grootschalige uitrol van nieuwe technologie om ons zo direct op de wereldkaart te zetten of toch in ieder geval in Europa.

Ver gezocht? Helemaal niet want in het verleden hebben wij meermaals vooruitstrevende zaken aangepakt, met het oude coax netwerk hebben we een Internet snelweg uitgebouwd, elektronisch bankieren, Tractebel, kernenergie, waterstof/chemie (haven van Antwerpen), enz.

Steeds waren wij mee in het koppeloton en er is geen reden waarom we niet weer mee aan de leiding zouden kunnen staan, maar hiervoor is ons land te versnipperd geworden met te veel bevoegdheidsverdeling. En toch is het te hopen voor de werknemers van Langerlo dat er snel werk gemaakt wordt van de sanering van de site door de overheid, zodat zij kunnen helpen om de site klaar te maken voor nieuwe grootschalige energieprojecten.

Nederland heeft gekozen

Een zucht van verlichting ging door Europa nu Nederland behoudend heeft gekozen en het populisme niet massaal is doorgebroken. Opvallend was vooral de goede scores van traditioneel kleinere partijen zoals Groenlinks of Partij voor de dieren. Ook D66 ging er goed op vooruit en zelfs een kleine partij als CU ging volluit voor een verduurzaming van de samenleving.

Ongeacht het feit dat de laatste debatten enige aandacht gaven aan het milieu en klimaat ging de meeste aandacht tot nu toe uit naar thema’s die de dag beheersten. Dat Groenlinks 100 miljard euro extra in een duurzame samenleving wilt pompen is terecht en nobel alleen in de aanstaande coalitie gesprekken zal hier in het beste geval een compromis gevonden worden. Natuurlijk weet niemand vandaag hoe zo’n coalitie er gaat uit zien gezien de ingewikkelde uitkomst van de verkiezingen. Het begint een beetje op België te lijken waar de versplintering van het politieke landschap al vele jaren geleden begonnen is en het vormen van een coalitie steeds moeilijker wordt.

Zoals gezegd is er tijdens deze campagne zeer weinig aandacht geweest in de laatste rechte lijn naar de verkiezingen door enerzijds de zogenaamde rivaliteit tussen dhr. Rutte en Wilders (die er geen geworden is) en de enorme binnen-en buitenlandse media aandacht en anderzijds de retoriek vanuit Turkije die hun intern referendum op een klassieke manier hebben geëxporteerd. Zoek een externe “vijand” als bliksemafleider, roep hard en je krijgt massa media aandacht en zo kan je nationalistische gevoelens in een volk wakker maken. En bingo je kansen verhogen om een niet populair referendum mogelijk te maken.

Frappant dat de media dit niet doorziet als een politieke zet zonder inhoud die na de verkiezingen gewoon weer verdwijnt. Men wordt bespeeld en laat het gebeuren en zo wordt de aandacht verlegd van veel belangrijker onderwerpen zoals de klimaatverandering die iedere dag in het nieuws te zien is.

De schrijnende toestanden in Afrika gingen verloren in de verkiezingsretoriek en wat vanuit Amerika komt stemt niet echt gelukkig. De bekendmaking van een eerste ontwerpbegroting van de regering Trump laat zien dat men het budget voor defensie met meer dan 54 miljard dollar jaarlijks optrekt en de budgetten van klimaat en buitenlandse zaken (onder andere ontwikkelingshulp) gaat verminderen. Bommen in de plaats van voedselhulp en dergelijke. Een werkelijk menselijk gelaat, maar het is niet de eerste keer dat dit gebeurt natuurlijk.

En toch is de verduurzaming niet te stoppen wanneer je de verschillende partij programma’s ziet en het is vooral de jeugd die massaal hiervoor kiest. Hoopgevend is ook dat grote bedrijven als Engie/Electrabel ineens het groen licht hebben gezien en nu zelfs overwegen om een bod op te brengen op andere grote spelers zoals Innogy (het voormalige RWE of in ieder geval het afgesplitste gedeelte met klanten en duurzame investeringen). De investeringen in duurzame energie bereiken hoogten die aantonen dat in onze sector nergens meer wordt in ingevesteerd.

Eén van de zaken die nog achterblijft is het rendement versus traditionele energiesectoren zoals de olie en gassector. De duurzame gesubsidieerde markt zit in een spiraal naar beneden tijdelijk door de afname van subsidies, maar ook door positieve elementen zoals lagere investeringskosten in zon en wind per MW. Wat wel verontrustend kan zijn is de stijging van de lange termijn rente die een enorme impact hebben op lange termijn investeringen voor projecten in zon en wind.

Gaat deze verder in stijgende lijn dan zullen veel investeringen die gepland zijn onmogelijk worden en het valt af te wachten of de overheid hier snel genoeg rekening mee houdt. Het verleden in deze nog jonge sector heeft geleerd dat velen beginnen aan projectontwikkeling, maar dat weinigen beseffen dat er de eerste jaren niks mee te verdienen valt. Zelfs bij de bouw van zon- en windparken is het dan ook nog lang wachten op de rendementen gezien men vaak ziet dat de echte cash pas de laatste jaren komt (lees pas na tien-vijftien jaar).

Wat ook opvalt is het gebrek aan visie na de subsidieperiode, zowel voor zon en wind. De goede windlocaties zijn stillaan benomen en binnen een jaar of vijftien gaan deze parken echt niet verdwijnen gezien deze oudere locaties vaak ook de beste zijn. Het is frappant dat de overheden in vele landen niet verder kijken dan de door hun gegeven subsidieperiode en zelfs met vuur spelen gezien vele locaties vaak ook maar voor dezelfde periode gehuurd worden.

Als eigenaar van gronden ga je zeker gebruik maken van het einde van een huurovereenkomst/recht van opstal indien er toch een vervolg zou komen. Dat dit nogmaals kostenverhogend gaat werken ligt voor de hand en zo zal de overheid wederom met nieuwe subsidies over de brug moeten komen. Een vicieuze cirkel als je het mij vraagt en één die mijlenver van een echte marktwerking afstaat.

Aan de andere kant zie ik voorspellingen van internationale experts dat de elektriciteitsprijs na 2020 behoorlijk zou gaan stijgen en al relatief snel richting de 90 euro per MWh zou gaan. Indien dat zo is dan kunnen zon en wind zonder subsidie, alleen gaat de overheid toch mee in bad moeten want een dagprijs/maandprijs/jaarprijs is niet voldoende solide om investeringen op gang te brengen. Nog vele zaken ontbreken in een globale of nationale energievisie en zolang dit het geval is zullen we soms stappen vooruit doen zonder echt te weten of de volgende stappen ook nog mogelijk zijn.

EnglishNederlandsFrançaisDeutsch
by Transposh - translation plugin for wordpress

Archives

Polls

Gelooft u dat België en de regio's hun duurzame objectieven 2030 zullen halen?


View Results

Loading ... Loading ...