Archive for February, 2010

Stilte heerst in energieland

Sunday, February 28th, 2010

Sinds in België de federale regering een akkoord heeft gesloten met de uitbater/eigenaar van de kerncentrales is er een windstilte gekomen. De slag is thuisgehaald, door wie? Volgens mij vooral door de uitbater die voor een relatief bescheiden bedrag eigenlijk zekerheid heeft gekregen over niet alleen een verlenging van de oudste drie kerncentrales voor tien jaar maar eigenlijk ook indirect een bevestiging heeft voor de andere kerncentrales. Een bevestiging dat als deze niet zouden sluiten in 2025(wat bijna zeker is gezien de omvang van de basislast productie van 4000MW) het bedrag dat betaald moet worden laag zal zijn daar men altijd kan teruggrijpen naar dit akkoord. Wat vooral onrustwekkend is het ontbreken van enig initiatief op federaal of regionaal vlak om de energiemarkt(en telecom) open te breken op een moment dat onze federale controle organen in koor roepen dat door het uitblijven van een echte liberalisering onze bedrijven en consumenten veel teveel betalen voor hun nutsfuncties energie en telecom. Trots kondigde de nationale hoogspanningsbeheerder Elia zijn jaarcijfers aan die wederom op het niveau staan als een privé bedrijf à la Microsoft(qua marges). De brutomarge swingt de pan uit, met een bedrijfskasstroom van meer dan 40% en een nettowinst van meer dan 10% kunnen onze bedrijven zien waarom onze energierekening hoog blijft(samen met de distributiebedrijven of zoals wij ze kennen als intercommunales en het monopolie van de producenten). Het blijft wraakroepend dat onze beleidsmakers de marges niet per wet vastleggen voor gereguleerde of gemonopoliseerde/dominante activiteiten. Dit komt natuurlijk ook door het dubbel belang van de overheid die zowel speler als scheidsrechter is(zowel aandeelhouder in de netten als wetgever/regelgever).
Wat ook de prijs nog verder gaat opdrijven zijn de ambities van Elia en Tennet(in Nederland) om hoogspanningsnetwerken op te kopen in het buitenland(vooral Duitsland) met gelden verkregen vanuit hun gereguleerde activiteiten(lees van openbaar nut). Men ziet in Nederland bijvoorbeeld Tennet die een hoogspanningsbedrijf in Duitsland overneemt dat drie keer groter is dan zijzelf. Dat dit niet zonder risico is lijkt me logisch gezien de forse bedragen die betaald moeten worden bij dit soort verkopen, de Nederlandse burger zal hiervoor mogen opdraaien de eerste jaren daar er zeker goodwill zal betaald worden(lees teveel betaald) als de leningen waar intrest op betaald moet worden om deze netwerken te kunnen kopen. Vanuit Nederland heeft men mij medegedeeld dat de eerste prijsverhogingen door Tennet al zijn aangekondigd! Wat voor Tennet geldt zal men ook terug kunnen zien bij Elia. Dat men ernaar streeft om een sterk Europees hoogspanningsnet aan elkaar te knopen is een goed idee maar dit zou wel moeten vertrekken vanuit een politiek draagvlak en gedragen door de verschillende overheden. Als men dit overlaat aan nationale gereguleerde bedrijven als Elia of Tennet dan vraagt men om problemen.
Een ander voorbeeld van zogenaamde schaalvergroting met negatieve korte termijn effecten(lees zeker minstens vijf jaar) is de overname van Nuon door Vattenfall, vanuit Nuon bereiken mij verschillende berichten dat het licht er uit kan, dat wil zeggen in de Benelux, niks kan meer. De hoge(lees te hoge) prijs die Vattenfall betaald heeft van grosso modo 9 miljard Euro moet worden terugverdiend. Een bedrijf dat ongeveer 6.5 miljard Euro waard is kopen voor 9 betekend gewoon dat de 2.5 miljard Euro snel moet worden terugverdiend of afgeschreven als goodwill. Voor de Belgische markt is er nog slechter nieuws door Nuon in België één van de weinige nieuwe aanbieders zijn die ook van plan waren om te investeren in eigen elektriciteitsproductie. Onlangs is al bekend gemaakt dat daar voorlopig niks meer van in huis komt(lees in de diepvries). De concentratie die gaande is betekend voor kleine landen als Nederland en België dat zij niet meer beslissen wat er geïnvesteerd wordt en dus hoeveel concurrentie er zal zijn.
Onze energieministers(vier in totaal) hebben het laatste jaar geen één maatregel genomen die de concurrentie gaat stimuleren of de huidige dominantie van één speler aanpakt en ben ik dus zeer hoopvol dat we binnenkort een stortvloed gaan krijgen aan plannen daar men in één jaar zeker de tijd heeft gehad om gedetailleerde plannen te maken.

Politici roeren zich na de federale regulator

Saturday, February 20th, 2010

Het stof is nog niet gaan liggen na de zoveelste aankondiging van een regulator, in dit geval de CREG, dat er iets schort aan de marktwerking. Deze week heeft men mij gevraagd wat eigenlijk ontbreekt of beter gezegd wat er zou moeten gebeuren zodat de bedrijven en de burgers van dit land eindelijk een faire energieprijs krijgen. Fair wilt niet zeggen laag, persoonlijk denk ik dat de energieprijs een stuk hoger moet en kan willen wij onze schaarse fossiele brandstoffen beginnen te sparen. Tevens zou een verhoging van de energieprijs de groene en toekomstige blauwe economie een extra stimulans geven. Dit neemt niet weg dat een faire energieprijs betekent dat deze in eerste instantie transparant wordt zodat de regulatoren kunnen bevestigen dat er geen verborgen marges zitten in onderdelen van de prijs. Hierna som ik toch nog even enkele van de punten op die naar mijn mening nodig zijn voor een betere marktwerking zonder dat deze volledig beaamt te zijn;

1) Introductie van SMP, Significant Market Power, dit principe is onder andere gehanteerd bij de liberalisering in de telecom industrie(Europees voorstel) en zorgt ervoor dat geen één bedrijf meer dan Xpercent van de markt of een deelmarkt kan bezitten(voor de energiemarkt bij voorkeur maximum 25%). Dit gebeurd door effectief wet- en regelgeving voor de schrijven die dan door de regelgevers kunnen opgevolgd en waar nodig ingegrepen kan worden. Twee voorbeelden hiervan; wanneer een marktpartij meer dan 25% van de klanten heeft dan kan deze gedurende bepaalde tijd zijn prijzen niet laten zakken totdat ze voldoende marktaandeel heeft verloren(was effectief in de telecomsector), anderzijds bij de toekomstige bouw van een nieuwe elektriciteitscentrales(base load/basislast) kan de overheid ervoor zorgen dat dergelijke grote centrales alleen in groep mogen gebouwd worden en geen één marktpartij meer dan 25% van de centrale mag bezitten, zo bouwt men meer concurrentie op de groothandelsmarkt.

2) In relatie tot toegang tot productiecapaciteit is het belangrijk dat in afwachting van meer concurrentie die investeren in nieuwe centrales de bestaande capaciteit herverdeeld wordt, hiervoor hebben we in de studie een oplossing voorgesteld door tijdelijk(10 tot 15 jaar) de overheid tussen de producent(en) die dominant zijn en de leveranciers te plaatsen en de energie aan kostplus door een NV van publiek recht te laten aankopen en deze aan te bieden aan de verschillende leveranciers. Dit idee is trouwens ook even in de pers geweest door dhr. Magnette maar hij werd blijkbaar snel teruggefloten en het idee werd vakkundig begraven.

3) De federale regelgever moet meer macht krijgen en rechtstreeks aan het parlement(of commissie) eenmaal per jaar rapporteren of op vraag, zij moet de macht hebben die bijvoorbeeld de Europese Commissie heeft wanneer ze bedrijven bestraft als zij over de schreef gaan door middel van hoge boetes. Tevens dient de regelgever het recht te hebben om wanneer zij dit nodig acht audits te kunnen uitvoeren bij de marktpartijen ten einde transparant te kunnen optreden als dominante marktpartijen jaar na jaar de winst laat stijgen en alle andere in de markt hun winst minimaal blijft bijvoorbeeld. Verder zou het de regelgever moeten zijn en niet de raad van mededinging die additionele voorwaarden kan opleggen wanneer er te weinig marktwerking is(bijvoorbeeld dominante marktpartijen tijdelijk verplichten om deel van hun productiecapaciteit te veilen aan derden met een minimum van voor Belgie van 3500 MW verdeeld in base en peakload)

4) De gasmarkt; hier is het probleem ook groot daar gas een fysiek product is en er geen eigen gasvelden zijn in BelgIe, hier zou de regelgever de macht moeten krijgen via wet- en regelgeving om de opslagcapaciteit te herverdelen(in Zeebrugge bijvoorbeeld) zodat geen één marktpartij meer dan 25% van de opslagcapaciteit kan hebben. Hetzelfde geldt trouwens voor het marktaandeel van groothandelaars als Distrigas die ook aan de voorwaarden vermeldt in punt 1 dienen te voldoen daar ze vandaag een veel te groot marktaandeel hebben.

5) Duurzame ontwikkeling; hier dient voorrang gegeven te worden aan nieuwe installaties en het ombouwen van bestaande installaties(voorbeeld Awirs en binnenkort ook in Vlaanderen van Electrabel die oude kolencentrales ombouwt tot biomasse centrales en zo met een gigantisch aantal groene stroom certificaten gaat lopen en dus subsidie betaald door de burger en met als klap op de vuurpijl met zeer lage efficiëntie(lager dan 40%). De subsidie voor groene stroomontwikkeling door middel van de groene stroom certificaten en de ecologiepremie zou dus uitsluitend moeten gelden voor nieuwe installaties(wijziging in de regelgeving op regionaal niveau)

6) Controle op de kostprijs van energie : er wordt altijd geschoten op de leveranciers maar men vergeet er bij te zeggen dat de overheid even schuldig is aan de gigantisch gestegen energieprijzen zijnde de ongekend hoge transport en vooral distributiekosten, taksen en heffingen. De regulator zou door middel van jaarlijkse audits de macht moeten krijgen(via regionale wetgeving) om jaarlijks vast te stellen wat de distributievergoeding mag zijn(gebeurd ook zo in Nederland, en daar daalt hij ieder jaar door de afschrijvingen en het eisen van meer efficiëntie). Het is niet logisch dat onze kosten hier stijgen in plaats van dalen ondanks het feit dat de netwerkbedrijven nog niks hebben geïnvesteerd in de toekomstige slimme netwerken. De stijging van 25 tot 30% van de distributiekost is dus totaal niet te rechtvaardigen en wij zouden zelfs een daling hebben moeten zien in België.(ondanks de stijging van zonnepanellen projecten in Vlaanderen waar de certificaten kost door de netbeheerder betaald wordt)

De hierboven punten zijn slechts een greep uit essentiele voorwaarden om van enige marktwerking te kunnen gaan spreken en ervoor te zorgen dat onze bedrijven minder betalen voor hun energie zodat de consument dit vervolgens dit ook gaat zien in de prijs van de eindproducten. Vandaag heeft de liberalisering naar de gezinnen toe(op de huidige manier) geen enkele zin en kan men beter een tarief opleggen totdat er voldoende marktwerking is.

Creg studie bevestigd noodzaak aan meer concurrentie

Sunday, February 14th, 2010

Wat mij vooral aan de studie opvalt en zeker de reacties hierop is dat er alleen werd gesproken over Suez/Electrabel versus SPE/Luminus en de concurrentie positie van de ene ten opzichte van de andere. Wellicht zegt dit alles, deze twee historische monopolisten beheersen nog voor een groot deel de markt, zelfs na jaren van zogenaamde liberalisering. Enigszins wrang voor de oud oprichter van WattPlus/Essent België daar het vooral de nieuwe spelers zijn geweest die ervoor gezorgd hebben dat er een constante prijsdruk is gebleven in de markt, en dit ondanks hun beperkte wapens in deze strijd. De twee oude monopolisten hebben zich voornamelijk beperkt tot reageren waar nodig en handig gebruik gemaakt van de zogenaamde vrije markt en zijn speelregels. Zelf herinner ik mij nog de berichten van massale drops(klanten die door hun leveranciers opgezegd worden en terugvallen op de standaardleverancier zijnde de netwerkbedrijven) door de historische monopolisten toen de markt werd geopend en zij handig hun “slechte” klanten(lees klanten waar men problemen mee had op het vlak van betaling van facturen o.a.). De regelgevers keken ernaar en zagen dit ook maar hebben geen machtsmiddelen om in te grijpen. Dat dit gebeurde op een moment dat de markt openende en de nieuwe leveranciers zo benadeeld werden met de komst van extreme klantprofielen(lees relatief veel slechte betalers door toevloed gedropte klanten) Buiten de geschiedenis en ervaringen van de liberalisering dient de overheid vooral in eigen boezem te kijken als zij spreekt over de zogenaamde woekerwinsten van de historische marktspelers. Dat de regionale en nationale ministers en hun kabinetten de liberalisering mislukt noemen omdat de tarieven gestegen zijn kan ik begrijpen, echter het zijn bijvoorbeeld dezelfde politici op lokaal niveau die via hun bestuursfuncties in de verschillende intercommunales de tarieven dramatisch verhoogd hebben. Anders dan de productie van elektriciteit en het gebruik van gas kan men niet zeggen dat de netwerkbedrijven hun prijs zien verhogen omdat de olieprijs stijgt, nochtans zijn het vooral de netwerktarieven die het hardst gestegen zijn en dit met toestemming van dezelfde beleidsmakers die moord en brand roepen dat onze energiefactuur gestegen is.
Wat moet er eigenlijk nu gebeuren? We hebben onder andere nieuwe spelers nodig die zowel actief zijn als leverancier als producent. De ambitie van de Vlaamse regering om een nieuwe duurzaam energiebedrijf te willen bouwen is bewonderenswaardig. Nu zie je bijvoorbeeld ook in Nederland dat de steden en gemeenten allemaal nieuwe initiatieven aan het nemen zijn op het vlak van duurzame energie nadat ze veel geld hebben gekregen uit de verkoop van Essent en Nuon. Voor België is het verdwijnen van Essent en Nuon als autonome energiebedrijven uit de Benelux een forse teruggang daar België nu een appendix is geworden van een appendix. Verder is het belangrijk om te kijken wat Eon gaat doen in België na de swap van productie met Electrabel. Indien we enkele nieuwe spelers in de markt kunnen introduceren kunnen zij de markt een nieuwe dynamiek geven en zorgen dat er op lange termijn een sterkere Belgische concurrentie komt.

Windenergie in België nog zeer marginaal(tot nu toe)

Monday, February 8th, 2010

Als men de onlangs gepubliceerde statistieken mag geloven dan bengelt ons land nog steeds onderaan wat betreft de ontwikkeling van windenergie. Nu is de vergelijking met andere landen wel niet zo eenvoudig als de artikels van de Standaard ons willen doen geloven maar er is wel een grond van waarheid. Ons land vergelijken met landen zoals Duitsland, Frankrijk of Spanje is gewoon zinloos, wij hebben gewoonweg de plaats niet om de wedijveren met landen met een relatief lage bevolkingsdichtheid. Het enige land waar je België enigszins mee mage vergelijken is Nederland. Ook een klein land met een hoge bevolkingsdichtheid(nog hoger dan in België) Maar alvorens dat te doen moet je België eerst opdelen in Vlaanderen en Wallonie daar de ontwikkeling van duurzame energie een gewestelijke bevoegdheid is, behalve dan de windmolens op zee die wederom een federale bevoegdheid zijn. In Vlaanderen is er gewoon nog minder plaats dan in Nederland daar de bevolkingsdichtheid nog hoger is dan in Nederland. Betekent dit dat we aan ons maximum potentiële benutting zitten in Vlaanderen? Totaal niet, als je bijvoorbeeld door onze havens rijdt en je ziet hoe weinig windmolens er tot nu toe gebouwd zijn dan klopt er iets niet. Eén van de grootste problemen blijft de processie die je moet doormaken om een vergunning te krijgen. Je moet toch al snel een drie jaar rekenen voor een vergunning volledig in orde is(met voorstudies e.d.), dan moet je nog bestellen en dat betekent dus dat je in het beste geval een eerste wiekslag hoort na een kleine vijf jaar!. Dit is gewoon te lang om van een echte explosie van marktvraag te kunnen spreken. Welke onderneming heeft het geduld en de middelen om vijf jaar tijd, aandacht en geld te besteden. Ondertussen loop je ook het risico dat van de drie projecten die je ontwikkelt er één vergund wordt!. Het bekende” nimbya” syndroom is één van de grootste hinderpalen in Vlaanderen(en Wallonie) daar de overheid zeer voorzichtig blijft met de lokale bevolking van anders te overtuigen.
Het Belgische vermogen bedraagt nu 563 megawatt. Ondanks een groei van meer dan 30 percent vorig jaar vergroot onze achterstand dus nog op de meeste landen in Europa. Natuurlijk zullen de aangekondigde parken in zee ons land een beter doelsaldo geven, dit is als deze er allemaal komen…

Sowieso zullen landen als Duitsland en Spanje het leeuwenaandeel blijven nemen, toch ieder geval voor molens aan land.(ze hebben samen meer dan de helft van alle windenergie op land in Europa).

Voor Vlaanderen dat vandaag een 240 MW uit zijn windmolens haalt is de weg nog lang maar de bevoegde minister van den Bossche belooft beterschap en is bezig aan een plan om de procedure te versoepelen en investeringen te stimuleren. Hopelijk vergeet zij niet dat “lead by example” ook hier kan gelden en dat de Vlaamse overheid een inventaris maakt van zijn goede gronden(die dus geschikt zijn wind) en deze via een openbare procedure(lees aanbesteding) aanbied aan partijen met een limiet factor dat één partij niet meer dan x percent kan bekomen en dat deze gronden ook niet kunnen verworven worden door andere openbare bieders. Ook dienen dominante marktpartijen bij voorkeur beperkt te worden om er zo voor te zorgen dat er voldoende concurrentie blijft of komt.